Spring naar inhoud

Jaarrekening

Enkelvoudige balans per 31 december 2023

Activa, na resultaatbestemming
Bedragen x € 1.000 Ref.   31-12-2023   31-12-2022
           
Immateriële vaste activa 4.1   65.565    47.726 
           
Beleggingen 4.2        
Terreinen en gebouwen:          
- Voor eigen gebruik      
- Overige terreinen en gebouwen 4.2.1   24.791   
Beleggingen in groepsmaatschappijen en deelnemingen: 4.2.2        
- Deelnemingen in groepsmaatschappijen 4.2.2.1 1.379.365    1.367.179   
- Leningen aan en vorderingen op groepsmaatschappijen 4.2.2.2 279.353    210.904   
Overige financiële beleggingen: 4.2.3        
- Aandelen en andere niet-vastrentende waardepapieren   1.916.560    1.764.933   
- Obligaties en andere vastrentende waardepapieren   2.357.683    2.147.344   
- Derivaten   14.093    63.021   
- Vorderingen uit hypothecaire leningen   966    1.015   
- Vorderingen uit andere leningen   159.923    221.795   
- Vastgoedfondsen   1.239.888    1.309.118   
- Infrastructuurfondsen   980.188    900.576   
- Land- en bosbouwfondsen   250.547    103.686   
- Hypotheekfondsen   389.016    298.979   
- Beleggingen in liquide middelen   60.578    62.644   
- Andere financiële beleggingen   24.617    7.078   
      9.052.777    8.483.063 
Vorderingen 4.3        
Vorderingen uit directe verzekering 4.3.1 -279    -251   
Overige vorderingen 4.3.2 158.018    179.277   
      157.739    179.026 
Overige activa          
Materiële vaste activa 4.4 473    461   
Liquide middelen 4.5 82.583    80.694   
      83.056    81.155 
           
Overlopende activa 4.6   2.792    5.635 
           
TOTAAL ACTIVA     9.361.929    8.796.605 
Passiva, na resultaatbestemming
           
Bedragen x € 1.000 Ref.   31-12-2023   31-12-2022
           
Eigen vermogen 4.7        
Gestort en opgevraagd aandelenkapitaal 4.7.1 2.950    2.950   
Agioreserve 4.7.2 74.889    74.889   
Herwaarderingsreserve 4.7.3 376.082    412.184   
Wettelijke en statutaire reserves 4.7.4 28.766    27.693   
Overige reserves 4.7.5 427.525    403.894   
      910.212    921.610 
Technische voorzieningen 4.8        
Bruto technische voorzieningen   8.035.628    7.557.016   
Herverzekeringsdeel technische voorzieningen   -14.228    -25.281   
      8.021.400    7.531.735 
           
Voorzieningen 4.9   17.483    6.526 
           
Depot van herverzekeraars 4.10   6.939    18.462 
           
Schulden 4.11        
Schulden uit directe verzekering   119.087    109.213   
Overige schulden   273.267    187.401   
      392.354    296.614 
           
Overlopende passiva 4.12   13.541    21.658 
           
TOTAAL PASSIVA     9.361.929    8.796.605 

Enkelvoudige resultatenrekening over 2023

Technische rekening
Bedragen x € 1.000 Ref.   2023   2022
           
Verdiende premies eigen rekening 5.1        
Brutopremies   723.277    678.000   
Uitgaande herverzekeringspremies   -10.576    -8.989   
      712.701    669.011 
Beleggingsopbrengsten 5.2        
Opbrengsten uit deelnemingen   -49.814    137.066   
Opbrengsten uit andere beleggingen   224.891    233.449   
Gerealiseerde winst op beleggingen   320.925    570.282   
      496.002    940.797 
           
Ongerealiseerde winst op beleggingen 5.2   292.566   
           
Uitkeringen eigen rekening 5.3        
Bruto   -423.633    -315.147   
Aandeel herverzekeraars   16.123    5.287   
      -407.510    -309.860 
Wijziging technische voorzieningen eigen rekening 4.8        
Bruto   -238.722    -307.793   
Aandeel herverzekeraars   -11.053    1.651   
      -249.775    -306.142 
           
Winstdelingen en kortingen     -249.224    -43.654 
           
Bedrijfskosten          
Acquisitiekosten 5.4 -78.284    -70.674   
Beheers-, personeelskosten en afschrijvingen 5.5 -88.817    -86.944   
      -167.101    -157.618 
           
Beleggingslasten 5.2        
Beheerskosten en rentelasten   -29.253    -24.831   
Gerealiseerd verlies op beleggingen   -394.211    -775.478   
      -423.464    -800.309 
           
Ongerealiseerd verlies op beleggingen 5.2     -919.516 
           
Aan niet-technische rekening toegerekend resultaat op beleggingen     -35.210    102.998 
           
Resultaat technische rekening     -31.015    -824.293 
Niet-technische rekening
Bedragen x € 1.000 Ref.   2023   2022
           
Resultaat technische rekening     -31.015    -824.293 
           
Toegerekend resultaat uit beleggingen overgeboekt van technische rekening     35.210    -102.998 
           
Andere baten 5.6     15.180 
           
Andere lasten 5.6   -1.379    -3.108 
           
Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening voor belastingen     2.816    -915.219 
           
Belastingen resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening 5.7   -14.215    243.200 
           
Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening na belastingen     -11.399    -672.019 

1. Algemene toelichting

1.1 Activiteiten

De activiteiten van DELA Natura- en levensverzekeringen N.V. (‘DELA Natura’), statutair gevestigd in Eindhoven, Oude Stadsgracht 1, KvK-nummer 17078393 bestaan uit verzekeren en beleggen. De verzekeringsproducten betreffen uitvaartverzekeringen, overlijdensrisicoverzekeringen en spaarverzekeringen. De verzekeringsactiviteiten vinden plaats in Nederland, België en Duitsland. Alle beleggingsactiviteiten voor DELA Natura worden in Nederland verricht.

1.2 Verbonden partijen

Als verbonden partij worden alle rechtspersonen aangemerkt waarover overheersende zeggenschap, gezamenlijke zeggenschap of invloed van betekenis kan worden uitgeoefend. Ook rechtspersonen die overwegende zeggenschap kunnen uitoefenen, worden aangemerkt als verbonden partij. Ook de statutaire directieleden, andere sleutelfunctionarissen in het management van DELA Natura en nauwe verwanten zijn verbonden partijen. De overige groepsmaatschappijen binnen de groep van DELA Coöperatie U.A., waarvan DELA Natura deel uitmaakt, worden ook als verbonden partijen aangemerkt.

Transacties van betekenis met verbonden partijen worden toegelicht voor zover deze niet onder normale marktvoorwaarden zijn aangegaan. Hiervan wordt toegelicht de aard en de omvang van de transactie en andere informatie die nodig is voor het verschaffen van het inzicht. Inzake overlijdens die bij DELA Natura- en levensverzekeringen N.V. worden gemeld, wordt de uitvoering in beginsel verzorgd door DELA Uitvaartverzorging N.V. of haar dochtermaatschappijen. Deze uitvoering geschiedt tegen vaste verrekenprijzen. Tevens verhuurt dochteronderneming DELA Crematoria Groep B.V. crematoria en uitvaartcentra aan DELA Uitvaartverzorging N.V. tegen een marktconforme huur. Daarnaast heeft DELA Natura een rekening courantverhouding met DELA Holding N.V.

1.3 Acquisities en desinvesteringen van groepsmaatschappijen

Vanaf de overnamedatum worden de resultaten en de identificeerbare activa en passiva van de overgenomen onderneming opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening. De overnamedatum is het moment dat overheersende zeggenschap kan worden uitgeoefend in de betreffende onderneming.

De verkrijgingsprijs bestaat uit het geldbedrag of equivalent dat is overeengekomen voor de verkrijging van de overgenomen onderneming vermeerderd met eventuele direct toerekenbare kosten. Indien de verkrijgingsprijs verschilt van het nettobedrag van de reële waarde van de identificeerbare activa en passiva dan wordt het verschil als goodwill aangemerkt.

De maatschappijen die in de consolidatiekring betrokken zijn, blijven in de consolidatie opgenomen tot het moment dat de beslissende zeggenschap wordt overgedragen en indien de maatschappij slechts gehouden wordt om te vervreemden.

1.4 Geconsolideerde cijfers

DELA Natura- en levensverzekeringen N.V. maakt gebruik van de vrijstelling tot consolidatie volgens artikel 2:408 BW (vrijstelling van tussenconsolidatie). Dit omdat de financiële gegevens die de rechtspersoon zou moeten consolideren zijn opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening van DELA Coöperatie U.A. De jaarrekening, met daarin de geconsolideerde cijfers van DELA Coöperatie U.A. is verkrijgbaar via de Kamer van Koophandel.

1.5 Kasstroomoverzicht

DELA Natura maakt gebruik van de vrijstelling in RJ 360. Deze stelt dat een (middel)grote rechtspersoon een kasstroomoverzicht moet opstellen, tenzij het kapitaal van de rechtspersoon direct of indirect volledig wordt verschaft door een andere rechtspersoon die een gelijkwaardig kasstroomoverzicht opstelt dat is opgenomen in een geconsolideerde jaarrekening die in Nederland bij het handelsregister gedeponeerd wordt. De jaarrekening, met daarin het kasstroomoverzicht van DELA Coöperatie U.A. is verkrijgbaar via de Kamer van Koophandel.

1.6 Schattingen

Om de grondslagen en regels voor het opstellen van de jaarrekening te kunnen toepassen, is het nodig dat de directie zich over verschillende zaken een oordeel vormt en dat de directie schattingen maakt die essentieel kunnen zijn voor de in de jaarrekening opgenomen bedragen. Indien het voor het geven van het in art. 2:362 lid 1 BW vereiste inzicht noodzakelijk is, is de aard van deze oordelen en schattingen inclusief de bijbehorende veronderstellingen opgenomen in de toelichting op de betreffende posten. Deze schattingen zijn naar beste weten door de directie gemaakt, maar de daadwerkelijke uitkomsten kunnen uiteindelijk afwijken van die schattingen.

De belangrijkste schattingen hebben betrekking op:

  • de waardering van beleggingen: onroerende zaken, vastgoedfondsen, infrastructuurfondsen, land- en bosbouwfondsen en participatiemaatschappijen (zie ook hoofdstuk 4.2);
  • de gehanteerde grondslagen voor de technische voorzieningen (zie ook hoofdstuk 2.12);
  • de waardering van de niet-technische voorzieningen (zie ook hoofdstuk 2.13).

1.7 Opmaken en vaststellen jaarrekening

DELA Natura- en levensverzekeringen N.V. maakt gebruik van de vrijstelling tussenconsolidatie als bedoeld in artikel 2:408 BW. De financiële gegevens van de vennootschap en haar dochtermaatschappijen zijn opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening van DELA Coöperatie U.A.

De jaarrekening 2023 is opgemaakt door de directie op 26 april 2024 en zal op het moment van publicatie zijn vastgesteld in de aandeelshoudersvergadering van 25 mei 2024. De jaarrekening 2022 is in de aandeelhoudersvergadering op 13 mei 2023 vastgesteld.

1.8 Vergelijkende cijfers

De vergelijkende cijfers betreffen de cijfers uit de vastgestelde jaarrekening van 2022.

2. Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling

2.1 Algemeen

De jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met de wettelijke bepalingen van Titel 9 Boek 2 BW en de Richtlijnen voor de Jaarverslaggeving (RJ), inclusief de voor verzekeraars van toepassing zijnde RJ605.

De waardering en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten tenzij anders vermeld. Baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop ze betrekking hebben. Winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd, tenzij anders vermeld. Verplichtingen en mogelijke verliezen die hun oorsprong vinden voor het einde van het verslagjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn.

2.2 Vreemde valuta

2.2.1 Functionele valuta

De posten in de jaarrekening van de groepsmaatschappijen worden gewaardeerd met inachtneming van de valuta van de economische omgeving waarin de groepsmaatschappij voornamelijk haar bedrijfsactiviteiten uitoefent (de functionele valuta). De euro is de functionele en presentatievaluta van DELA Natura.

2.2.2 Omrekening van vreemde valuta

Transacties in vreemde valuta gedurende de verslagperiode zijn in de jaarrekening verwerkt tegen de koers op transactiedatum. Activa en passiva in vreemde valuta die op actuele waarde worden gewaardeerd, worden omgerekend tegen de koers per balansdatum. Koersverschillen die optreden bij de afwikkeling van monetaire posten zijn in de resultatenrekening verwerkt in de periode dat zij zich voordoen.

Activa die volgens de verkrijgingsprijs worden gewaardeerd in een vreemde valuta, worden omgerekend tegen de wisselkoers op de transactiedatum (of de benaderde koers).

2.3 Herverzekeringscontracten

Uit hoofde van met herverzekeraars afgesloten contracten wordt DELA Natura gecompenseerd voor verliezen op uitgegeven verzekeringscontracten.

Herverzekeringspremies, provisies en uitkeringen evenals technische voorzieningen voor herverzekeringscontracten worden op dezelfde wijze verantwoord als de directe verzekeringen waarvoor de herverzekeringen zijn afgesloten. Het aandeel van herverzekeraars in de technische voorzieningen waartoe DELA Natura uit hoofde van haar herverzekeringscontracten gerechtigd is, wordt in mindering gebracht op de bruto technische voorzieningen. De kortlopende vorderingen op herverzekeraars zijn opgenomen onder de vorderingen.

De waardering van door en aan herverzekeraars verschuldigde bedragen geschiedt in overeenstemming met de voorwaarden van de herverzekeringscontracten. Verplichtingen uit herverzekering betreffen voornamelijk te betalen premies.

De vorderingen uit hoofde van herverzekeringscontracten worden op de balansdatum beoordeeld op eventuele bijzondere waardeverminderingen.

2.4 Immateriële vaste activa

De immateriële vaste activa worden gewaardeerd op het bedrag van de bestede kosten, verminderd met de cumulatieve afschrijvingen en indien van toepassing met bijzondere waardeverminderingen. De economische levensduur en de afschrijvingsmethode worden aan het einde van het boekjaar opnieuw beoordeeld. Bij eventuele significante wijzigingen worden de afschrijvingstermijn en de afschrijvingsmethode herzien. Voor de kosten van interne ontwikkeling wordt een wettelijke reserve gevormd ter hoogte van het geactiveerde bedrag.

Om vast te stellen of er voor een immaterieel vast actief sprake is van een bijzondere waardevermindering wordt verwezen naar paragraaf 2.8.

2.4.1 Goodwill

De bij acquisities betaalde goodwill is gewaardeerd tegen de op het moment van verkrijging vastgestelde reële waarde. Deze waarde is bepaald op basis van het bedrag dat betaald zou worden tussen onafhankelijke partijen die ter zake goed geïnformeerd zijn en tot transactie bereid zouden zijn. De goodwill wordt lineair afgeschreven op basis van de verwachte economische levensduur, welke jaarlijks wordt beoordeeld. De huidige verwachte levensduur voor verschillende goodwillposities ligt tussen de 20 jaar en 30 jaar.

2.4.2. Overgenomen verzekeringsportefeuilles

De toekomstige kasstromen van overgenomen verzekeringsportefeuilles zijn gewaardeerd tegen de op het moment van verkrijging vastgestelde reële waarde. Deze waarde is bepaald op basis van het bedrag dat betaald zou worden tussen onafhankelijke partijen die ter zake goed geïnformeerd zijn en tot transactie bereid zouden zijn. Deze waarde wordt lineair afgeschreven op basis van de verwachte economische levensduur, welke jaarlijks wordt beoordeeld. De huidige verwachte levensduur van overgenomen verzekeringsportefeuilles is 20 jaar, gerekend vanaf overnamedatum.

2.4.3. Concessies en vergunningen

Kosten van concessies en vergunningen worden gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs en lineair afgeschreven over de verwachte toekomstige gebruiksduur met een maximum van 20 jaar.

2.5 Beleggingen

Hieronder wordt per beleggingscategorie de grondslag van waardering en resultaatbepaling beschreven. Het merendeel van de beleggingen wordt gewaardeerd tegen actuele waarde. Waar een nadere toelichting nodig is op de actuele waarde, is deze in hoofdstuk 4 bij de toelichting op de balanspost gegeven. Zowel ongerealiseerde als gerealiseerde winsten en verliezen ten gevolge van verkopen en waardeveranderingen van beleggingen worden in de resultatenrekening verantwoord. Transactiekosten samenhangend met de aan- of verkoop van beleggingen worden rechtstreeks in de resultatenrekening verantwoord.

2.5.1 Onroerende zaken

Onroerende zaken worden gewaardeerd tegen de actuele waarde op balansdatum. De actuele waarde is gebaseerd op de waardering door een externe taxateur.

2.5.2 Deelnemingen

Deelnemingen waarin invloed van betekenis kan worden uitgeoefend, worden gewaardeerd volgens de nettovermogenswaardemethode. Wanneer 20 procent of meer van de stemrechten uitgebracht kan worden, is er sprake van een wettelijk vermoeden van invloed van betekenis.

De nettovermogenswaarde wordt berekend volgens de grondslagen die gelden voor deze jaarrekening; voor deelnemingen waarvan onvoldoende gegevens beschikbaar zijn voor aanpassing aan deze grondslagen, wordt uitgegaan van de waarderingsgrondslagen van de desbetreffende deelneming.

Indien de waardering van een deelneming volgens de nettovermogenswaarde negatief is, wordt deze op nihil gewaardeerd. Indien en voor zover DELA Natura in deze situatie geheel of gedeeltelijk instaat voor de schulden van de deelneming, wordt een voorziening getroffen. De eerste waardering van deelnemingen is gebaseerd op de reële waarde van de identificeerbare activa en passiva op het moment van acquisitie. Daarna worden, uitgaande van de waarde bij eerste waardering, de grondslagen toegepast die gelden voor deze jaarrekening.

Deelnemingen waarop geen invloed van betekenis kan worden uitgeoefend, worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs. Indien sprake is van een duurzame waardevermindering vindt waardering plaats tegen deze lagere waarde. Afwaardering vindt plaats ten laste van de resultatenrekening.

De onder financiële vaste activa opgenomen vorderingen op deelnemingen worden gewaardeerd tegen de reële waarde van het verstrekte bedrag, gewoonlijk de nominale waarde, onder aftrek van noodzakelijk geachte voorzieningen.

2.5.3 Aandelen en andere niet-vastrentende waardepapieren

Aandelen worden gewaardeerd tegen reële waarde aan de hand van officiële noteringen in de financiële markten. Waardemutaties worden direct in de winst- en verliesrekening verantwoord.

2.5.4 Obligaties en andere vastrentende waardepapieren

Obligaties worden gewaardeerd tegen reële waarde aan de hand van officiële noteringen in de financiële markten.

2.5.5 Vorderingen uit hypothecaire leningen

Vorderingen uit hypothecaire leningen worden gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. De directe kosten die samenhangen met het verstrekken van een hypothecaire lening worden opgenomen als aankoopkosten. Zij zijn onderdeel van de geamortiseerde kostprijs en worden geactiveerd op de balans. Op balansdatum wordt beoordeeld of er objectieve waarnemingen zijn voor bijzondere waardeverminderingen van de vorderingen uit hypothecaire leningen. Indien dit het geval is, dient dit verlies verantwoord te worden in de resultatenrekening.

2.5.6 Derivaten

DELA Natura heeft valutatermijncontracten die worden gewaardeerd tegen reële waarde. DELA Natura kent ook een converteerbare lening, die bestaat uit een lening en een call optie. De call optie wordt bij de waardering afgescheiden van de lening en op reële waarde afzonderlijk gewaardeerd. De winst of het verlies uit de herwaardering naar reële waarde per balansdatum wordt onmiddellijk in de winst-en-verliesrekening verwerkt. Het betreft alle niet-beursgenoteerde stukken en deze worden gewaardeerd op basis van financiële modellen, de 'mark-to-model' methode. Indien afgeleide financiële instrumenten een negatieve waarde hebben, worden deze op de balans gerubriceerd onder de kortlopende schulden.

2.5.7 Vorderingen uit andere leningen

De beleggingen in bedrijfsleningen worden gewaardeerd tegen reële waarde.
Overige leningen met een vastgestelde rente worden gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs onder aftrek van een voorziening voor oninbaarheid. 

2.5.8 Vastgoed-, infrastructuur-, land- en bosbouwfondsen

Participaties in vastgoed- infrastructuur-, land- en bosbouwfondsen worden gewaardeerd tegen reële waarde. Deze post bevat beleggingen zonder frequente marktnotering. In hoofdstuk 4.2 wordt een nadere toelichting gegeven op de waarderingsmethode. Waardemutaties worden direct in de winst- en verliesrekening verantwoord. Voorts wordt voor de ongerealiseerde waardestijging een herwaarderingsreserve gevormd.

2.5.9 Hypotheekfondsen

Participaties in hypotheekfondsen worden gewaardeerd tegen reële waarde. Deze post bevat beleggingen zonder frequente marktnotering. In hoofdstuk 4.2 wordt een nadere toelichting gegeven op de waarderingsmethode. Waardemutaties worden direct in de winst- en verliesrekening verantwoord.

2.5.10 Beleggingen in liquide middelen

Beleggingen in liquide middelen worden gewaardeerd tegen reële waarde die gelijk is aan de nominale waarde.

2.5.11 Andere financiële beleggingen

De andere financiële beleggingen worden gewaardeerd tegen reële waarde. Deze post bevat beleggingen zonder frequente marktnotering. In hoofdstuk 5.2 wordt een nadere toelichting gegeven op de waarderingsmethode.  Waardemutaties worden direct in de winst- en verliesrekening verantwoord. Voorts wordt voor de ongerealiseerde waardestijging een herwaarderingsreserve gevormd.

2.5.12 Beleggingsresultaten

De items uit de resultatenrekening hieronder vormen samen de totale beleggingsresultaten.

2.5.12.1 Beleggingsopbrengsten

Onder beleggingsopbrengsten worden begrepen:

  • huuropbrengsten uit beleggingen in onroerende zaken;
  • dividenden uit deelnemingen;
  • dividenden van aandelen;
  • interest op beleggingen in vastrentende waarden;
  • gerealiseerde winst bij verkoop van beleggingen.

Rentelasten worden tijdsevenredig verwerkt, rekening houdend met de effectieve rentevoet van de betreffende passiva. Bij de verwerking van de rentelasten wordt rekening gehouden met de verantwoorde transactiekosten op de ontvangen leningen.

2.5.12.2 Ongerealiseerde resultaten op beleggingen

De ongerealiseerde resultaten zijn afkomstig uit waardeveranderingen van effecten en onroerende zaken.

2.5.12.3 Beheerskosten en rentelasten

Onder de beheerskosten en rentelasten vallen:

  • beheerkosten van beleggingen in onroerende zaken;
  • beheer- en bewaarkosten van aandelen en obligaties;
  • rentelasten.

2.5.12.4 Gerealiseerd verlies op beleggingen

Gerealiseerde verliezen van financiële instrumenten die op marktwaarde gewaardeerd zijn, worden verwerkt in de resultatenrekening.

2.6 Vorderingen

De vorderingen worden bij eerste verwerking opgenomen tegen de reële waarde en vervolgens gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. Noodzakelijk geachte voorzieningen voor mogelijke verliezen als gevolg van oninbaarheid worden in mindering gebracht. Deze voorzieningen worden bepaald op basis van individuele beoordeling van de vorderingen.

Latente belastingvorderingen worden opgenomen voor tijdelijke verschillen tussen de waarde van de activa en de passiva volgens fiscale voorschriften enerzijds en de in deze jaarrekening gevolgde waarderingsgrondslagen anderzijds. De berekening van de latente belastingvorderingen geschiedt tegen de op het einde van het verslagjaar geldende belastingtarieven of tegen de in de komende jaren geldende tarieven, voor zover reeds bij wet vastgesteld.

2.7 Materiële vaste activa

De materiële vaste activa (waaronder inventarissen en auto’s) zijn opgenomen tegen de aanschafwaarde verminderd met afschrijvingen op basis van de verwachte levensduur, rekening houdend met de eventuele restwaarde. De afschrijving vindt lineair plaats, de afschrijvingstermijnen zijn als volgt:

  • inventaris: 10 jaar
  • auto’s: 5 jaar
  • laptops: 4 jaar

2.8 Bijzondere waardeverminderingen van vaste activa

Door DELA Natura wordt op balansdatum beoordeeld of er aanwijzingen zijn dat een vast actief aan een bijzondere waardevermindering onderhevig is geweest. Indien dergelijke indicaties aanwezig zijn, wordt de realiseerbare waarde van het actief vastgesteld. Indien het niet mogelijk is de realiseerbare waarde voor het individuele actief te bepalen, wordt de realiseerbare waarde bepaald van de kasstroom genererende eenheid waartoe het actief behoort. Hierbij wordt gebruik gemaakt van schattingen. Van een bijzondere waardevermindering is sprake als de boekwaarde van een actief hoger is dan de realiseerbare waarde. De realiseerbare waarde is de hoogste van de opbrengstwaarde en de bedrijfswaarde.

Indien wordt vastgesteld dat een bijzondere waardevermindering die in het verleden verantwoord is, niet meer bestaat of is afgenomen, wordt deze bijzondere waardevermindering teruggedraaid tot maximaal de boekwaarde die bepaald zou zijn indien geen bijzondere waardevermindering voor het actief zou zijn verantwoord.

Ook voor financiële instrumenten beoordeelt DELA Natura op iedere balansdatum of er objectieve aanwijzingen zijn voor bijzondere waardeverminderingen van een financieel actief of een groep van financiële activa. Bij aanwezigheid van objectieve aanwijzingen voor bijzondere waardeverminderingen wordt de omvang van het verlies uit hoofde van de bijzondere waardeverminderingen bepaald en direct verwerkt in de resultatenrekening.

Bij financiële activa die gewaardeerd zijn tegen aflossingswaarde, wordt de omvang van de bijzondere waardevermindering bepaald als het verschil tussen de boekwaarde van het actief en de best mogelijke schatting van de toekomstige kasstromen, contant gemaakt tegen de effectieve rentevoet van het financiële actief zoals die is bepaald bij de eerste verwerking van het instrument. Eventuele terugname van het waardeverminderingsverlies wordt beperkt tot maximaal het bedrag dat nodig is om het actief te waarderen op de geamortiseerde kostprijs. Het teruggenomen verlies wordt dan in de resultatenrekening verwerkt. Een waardeverminderingsverlies op goodwill zal in de toekomst niet meer worden teruggenomen.

2.9 Liquide middelen

Liquide middelen bestaan uit kas en banktegoeden. Rekening-courantschulden bij banken zijn opgenomen als kortlopende schulden onder schulden aan kredietinstellingen. Liquide middelen worden gewaardeerd tegen nominale waarde.

2.10 Overlopende activa

De vorderingen worden tegen nominale waarde gewaardeerd. Noodzakelijk geachte voorzieningen voor mogelijke verliezen als gevolg van oninbaarheid worden in mindering gebracht.

2.11 Discretionaire winstdeling

Winstdeling wordt actuarieel berekend en is discretionair. De winstdeling is op voordracht van het bestuur en de rvc van DELA Groep vastgesteld door de algemene vergadering van DELA Groep. De verwerking van de discretionaire winstdeling vindt plaats via de post technische voorzieningen. De toevoeging van het bedrag dat DELA Natura onder de technische voorzieningen voor discretionaire winstdeling heeft bestemd, geschiedt ten laste van het resultaat.

2.12 Technische voorziening

2.12.1 Algemeen

Het bepalen van de technische voorzieningen is een proces dat van nature wordt omgeven met onzekerheden. De werkelijke uitkeringen zijn afhankelijk van factoren zoals sociale, economische en demografische trends, inflatie, beleggingsrendementen, gedrag van polishouders en aannames over de ontwikkeling van sterfte. Het gebruik van andere aannames voor deze factoren dan de tariefsgrondslagen die nu in de jaarrekening zijn gebruikt, zou een materieel effect kunnen hebben op de technische voorzieningen en verzekeringstechnische lasten (zie ook 4.8.1 toereikendheidstoets).

2.12.2 Uitvaartverzekeringen

Voor uitkeringen uit hoofde van verzekeringspolissen die naar verwachting in de toekomst worden gedaan, wordt een verplichting opgenomen zodra de polis van kracht is. De verplichtingen voor uitvaartverzekeringen voor eigen rekening en risico bestaan uit de (met tariefsinterest) verdisconteerde waarde van de (op basis van tariefsterfte) verwachte toekomstige uitkeringen (inclusief reeds toegekende winstdeling) aan polishouders of andere begunstigden, onder aftrek van toekomstige premies.

Het overgrote deel van de technische voorziening voor uitvaartverzekeringen voor eigen rekening en risico zoals gesloten in Nederland is berekend volgens de zuivere nettomethode tegen 2,75 procent interest en op basis van de door het Actuarieel Genootschap gepubliceerde overlevingstafel GBMV 1995-2000, waarbij gebruik wordt gemaakt van grondslagen met betrekking tot sterfte en interest. Voor verzekeringen tegen tijdelijke premiebetaling is de rekenrente voor de periode na einddatum premiebetaling 2 procent.

Voor de technische voorzieningen van de in 2021 overgenomen Yarden-portefeuille worden grondslagen gehanteerd die behoren bij een waardering op reële waarde ten tijde van de overnamedatum. De rekenrente is gemiddeld 1,3 procent en de sterfte is gebaseerd op de prognosetafel 2020 van het Koninklijk Actuarieel Genootschap. Ook is rekening gehouden met onnatuurlijk verval, gebaseerd op ervaringscijfers en met het actuele kostenniveau op het moment van overname. Daarnaast zijn er twee additionele voorzieningen inzake de Yarden-portefeuille:

  • DELA heeft op het moment van de overname een voorziening gevormd van € 62,4 miljoen waaruit toekomstige indexatie van de pakketpolissen van Yarden wordt gefinancierd. Inmiddels is een aantal jaren indexatie toegekend en is er nog € 33,8 miljoen beschikbaar voor toekomstige indexaties. Er is op het moment van overname een inschatting gemaakt van deze toekomstige indexaties. De reële waarde van deze voorziening is vervolgens de contante waarde van deze onttrekkingen.
  • Daarbovenop heeft DELA gegarandeerd dat nabestaanden de eerste 10 jaren na de overname het tekort aan inflatie niet hoeven te betalen. Deze tekorten zijn ingeschat en verdisconteerd met als resultante de reële waarde van deze toezegging.

Het overgrote deel van de technische voorziening voor uitvaartverzekeringen voor eigen rekening en risico zoals gesloten in België is berekend volgens de zuivere nettomethode tegen de gebruikelijke interestvoeten en overlevingstafels ten tijde van de ingangsdata van de polissen, waarbij gebruik wordt gemaakt van grondslagen met betrekking tot sterfte en interest. De verwachte uitkeringen zijn gebaseerd op de grondslagen van het tarief zoals dat is vastgesteld bij het afsluiten van de polis.

De technische voorziening voor DELA Sorgenfrei Leben wordt berekend volgens de zuivere nettomethode tegen 2 procent interest. De sterftekansen zijn gebaseerd op sterftetafels zoals geproduceerd door de Deutsche Aktuarvereinigung.

Voor de technische voorzieningen van de in 2022 overgenomen verzekeringsportefeuille in Duitsland worden grondslagen gehanteerd die behoren bij een waardering op reële waarde ten tijde van de overnamedatum. De rekenrente is gemiddeld 2,5 procent en de sterfte is gebaseerd op de prognosetafel 2022 van het Koninklijk Actuarieel Genootschap.

2.12.3 Overlijdensrisicoverzekering

Voor het DELA LeefdoorPlan wordt de technische voorziening berekend volgens de zuivere nettomethode tegen 3 procent interest en op basis van de prognosetafels zoals deze ten tijde van de introductie van het tarief door het Koninklijk Actuarieel Genootschap zijn gepubliceerd.

De technische voorziening DELA Activ Leben wordt berekend volgens de zuivere netto methode tegen 3 procent interest vermeerderd met een voorziening voor onverdiende premie. De sterftekansen zijn gebaseerd op sterftetafels zoals ten tijde van de introductie geproduceerd door de Deutsche Aktuarvereinigung.

2.12.4 Spaarverzekeringen

Voor het DELA CoöperatiespaarPlan wordt de technische voorziening berekend volgens de opgebouwde poliswaarde op grond van de ingelegde spaarpremies, de reeds toegekende winstaandelen alsmede de interestvoet behorende bij het tarief.

2.12.5 Premies

De premies bevatten opslagen voor dekking van de kosten. Wanneer de premies worden ontvangen of invorderbaar zijn geworden, vallen de opslagen vrij en zijn deze beschikbaar voor dekking van de werkelijke kosten, waaronder begrepen doorlopende kosten en acquisitiekosten. 

2.12.6 Acquisitiekosten

De geactiveerde acquisitiekosten worden op de voorziening in mindering gebracht.

2.13 Voorzieningen

2.13.1 Algemeen

Voorzieningen worden gevormd voor in rechte afdwingbare of feitelijke verplichtingen die op de balansdatum bestaan, waarbij het waarschijnlijk is dat een uitstroom van middelen noodzakelijk is en waarvan de omvang op betrouwbare wijze is te schatten.

De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om de verplichtingen per balansdatum af te wikkelen. De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de contante waarde van de uitgaven die naar verwachting noodzakelijk zijn om de verplichtingen af te wikkelen, tenzij anders vermeld.

Wanneer de verwachting is dat een derde de verplichtingen vergoedt en wanneer het waarschijnlijk is dat deze vergoeding zal worden ontvangen bij de afwikkeling van de verplichting, wordt deze vergoeding als een actief in de balans opgenomen.

2.13.2 Pensioenvoorziening

Nederland

De pensioenregeling van de Nederlandse groepsmaatschappijen bestaat uit een beschikbare premieregeling. Deelnemers bouwen een pensioenkapitaal op waarmee op het moment van pensionering een pensioenuitkering aangekocht dient te worden.

De belangrijkste kenmerken van deze regeling zijn:

  • werkgever betaalt maandelijks per werknemer een premie aan de uitvoerder;
  • het pensioengevend loon is 1,1666 keer het in de kalendermaand uitgekeerde fulltime maandloon, met een maximum op jaarbasis. (2023: € 128.810);
  • de pensioengrondslag waarover de werkgever premie inlegt is het pensioengevend loon minus de franchise (2023: € 16.322);
  • de pensioenpremie die betaald wordt aan de uitvoerder bedraagt voor iedereen die na 1 januari 2022 in dienst is gekomen 22 procent van de pensioengrondslag. Voor medewerkers die vóór 1 januari 2022 in dienst waren is de pensioenpremie die betaald wordt aan de uitvoerder gebaseerd op een leeftijdsstaffel met oplopende premiepercentages.
  • Voor medewerkers die vanaf 1 januari 2022 in dienst zijn getreden geldt een eigen bijdrage van 6 procent van de pensioengrondslag. Voor medewerkers die vóór 1 januari 2022 in dienst waren bedraagt de eigen bijdrage van de werknemer 4,5 procent van de pensioengrondslag.
  • de regeling leidt niet tot enige verplichting op balansdatum, met uitzondering van verplichtingen die ontstaan uit nog niet betaalde premies.

Voor deelnemers is tevens een nabestaandenpensioen verzekerd ter grootte van 1,16 procent van pensioengrondslag maal het aantal dienstjaren vanaf deelname aan de pensioenregeling tot aan de pensioenrichtdatum. Het wezenpensioen bedraagt 20 procent van het nabestaandenpensioen. Bij arbeidsongeschiktheid is er sprake van premievrijstelling voor de deelnemers. Daarnaast is een aanvullende arbeidsongeschiktheidsuitkering verzekerd waarvan de hoogte van de uitkering afhangt van de mate arbeidsongeschiktheid.

Op de Nederlandse pensioenregelingen zijn de bepalingen van de Nederlandse Pensioenwet van toepassing. Er worden door DELA Natura op verplichte, contractuele of vrijwillige basis premies aan verzekeringsmaatschappijen betaald. De premies worden verantwoord als personeelskosten zodra deze verschuldigd zijn. Vooruitbetaalde premies worden opgenomen als overlopende activa indien dit tot een terugstorting leidt of tot een vermindering van toekomstige betalingen. Nog niet betaalde premies worden als verplichting op de balans opgenomen.

België

In België is sprake van een beschikbare premieregeling. Op het moment van pensionering heeft de deelnemer de keuze om het kapitaal eenmalig uit te laten betalen of om dit bedrag om te zetten in een periodieke pensioenuitkering. De belangrijkste kenmerken van deze pensioenregeling zijn:

  • werkgever betaalt maandelijks een premie aan de uitvoerder;
  • de premie bedraagt 4 procent van het referentieloon, verhoogd met 4,4 procent belasting;
  • het referentieloon bedraagt 13,92 maal het bruto maandloon.

Er is tevens een overlijdensverzekering voor de werknemer afgesloten waarbij de nabestaanden een overlijdenskapitaal ontvangen als de werknemer overlijdt vóór de einddatum. In geval van arbeidsongeschiktheid door ziekte, bevalling of een privé-ongeval, ontvangt de verzekerde een vervangingsinkomen.

Duitsland

In Duitsland worden de wettelijke pensioenpremies afgedragen middels de maandelijkse sociale verzekeringspremies. Er is geen aanvullend bedrijfspensioen.

2.13.3 Voorziening jubilea

De voorziening jubilea wordt opgenomen voor verwachte lasten gedurende het dienstverband. De voor de bepaling van de voorziening gehanteerde actuariële methode staat bekend als Projected Unit Credit-methode. Hierbij wordt rekening gehouden met toekomstige salarisstijgingen, overlevings- en arbeidsongeschiktheidskansen en dergelijke. Als langetermijnbeleggingsrendement is 3,1 procent (2022: 3,7 procent) aangehouden en voor de algemene salarisstijging 2,0 procent  (2022: 2,0 procent). De AG Generatietafel 2022 en de WIA/IVA-ervaringscijfers zijn toegepast. De aldus berekende verplichting is contant gemaakt tegen 3,2 procent ultimo 2022 (2022: 3,7 procent).

2.13.4 Latente belastingverplichtingen

Voor in de toekomst te betalen belastingbedragen uit hoofde van verschillen tussen commerciële en fiscale balanswaarderingen wordt een voorziening getroffen ter grootte van de som van deze verschillen vermenigvuldigd met het geldende belastingtarief. Op deze voorziening worden in mindering gebracht de in de toekomst te verrekenen belastingbedragen uit hoofde van beschikbare voorwaartse verliescompensatie, voor zover het waarschijnlijk is dat de toekomstige fiscale winsten beschikbaar zullen zijn voor verrekening. De voorziening voor latente belastingverplichtingen wordt gewaardeerd tegen nominale waarde. 

De berekening van de latente belastingverplichtingen geschiedt tegen de belastingtarieven die op het einde van het verslagjaar gelden of tegen de tarieven die in de komende jaren gelden, voor zover deze al bij wet zijn vastgesteld. 

2.13.5 Overige voorzieningen

Indien het effect van de tijdswaarde van geld materieel is, worden de overige voorzieningen gewaardeerd tegen de contante waarde van de uitgaven die naar verwachting noodzakelijk zijn om de betreffende verplichtingen af te wikkelen. Discontering vindt plaats op basis van een disconteringsvoet voor belastingen die zowel de actuele marktrente als de specifieke risico’s met betrekking tot de verplichting weergeeft. Indien het effect van de tijdswaarde van geld niet materieel is, worden de overige voorzieningen gewaardeerd tegen de nominale waarde. Tenzij anders vermeld, worden de overige voorzieningen gewaardeerd tegen de contante waarde.

2.14 Schulden

Schulden worden bij de eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde, welke bij aanvang gelijk is aan de geamortiseerde kostprijs. Transactiekosten die direct zijn toe te rekenen aan de verwerving van de schulden, worden in de waardering bij eerste verwerking opgenomen. Langlopende Schulden worden na eerste verwerking gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs, zijnde het ontvangen bedrag rekening houdend met agio of disagio en onder aftrek van transactiekosten. Indien er geen sprake is van (dis)agio is deze gelijk aan de nominale waarde.

Het verschil tussen de bepaalde boekwaarde en de uiteindelijke aflossingswaarde wordt op basis van de effectieve rente gedurende de geschatte looptijd van de schulden in de resultatenrekening als interestlast verwerkt.

2.15 Overlopende passiva

De overlopende passiva worden tegen nominale waarde gewaardeerd.

2.16 Leasing

DELA Natura heeft geen financial leasecontracten. Leaseovereenkomsten die niet kwalificeren als financiële lease, worden aangemerkt als operationele lease. Bij operationele leases worden de leasebetalingen lineair over de looptijd van de lease ten laste van het resultaat verwerkt.

2.17 Opbrengstverantwoording

2.17.1 Premieopbrengsten

De brutopremies bestaan uit de premies die door de polishouders zijn verschuldigd voor afgesloten verzekeringscontracten. De brutopremies exclusief belastingen en andere heffingen uit hoofde van verzekeringscontracten worden als opbrengst opgenomen wanneer deze verschuldigd zijn door de polishouder. Voor koopsomcontracten wordt de premie opgenomen als bate wanneer deze verschuldigd is, waarbij de eventuele kosten- en risicodekkingen worden uitgesteld en in het resultaat worden opgenomen in een constante verhouding tot de lopende verzekering. 

2.17.2 Herverzekeringspremies

De herverzekeringspremies omvatten de premies uit hoofde van afgesloten herverzekeringscontracten. Deze worden naar evenredigheid van de looptijd van het contract als last opgenomen in de resultatenrekening.

2.18 Bedrijfskosten

2.18.1 Acquisitiekosten

Acquisitiekosten zijn de kosten die direct samenhangen met het afsluiten van verzekeringen, die afhankelijk zijn van en betrekking hebben op het verkrijgen van nieuwe of op verlenging van bestaande verzekeringscontracten. De acquisitiekosten bestaan uit aan derden betaalde provisies inzake verzekeringsproducten. De acquisitiekosten worden in mindering gebracht op de technische voorzieningen en in tien jaar afgeschreven ten laste van het resultaat. De jaarlijkse provisies worden gesaldeerd met de in het jaar teruggevorderde retourprovisies. Acquisitiekosten worden in mindering gebracht op de technische voorzieningen voor zover zij kunnen worden terugverdiend uit het verwachte brutoresultaat van de onderliggende nieuwe productie van dat jaar. De afschrijvingsperiode wordt periodiek beoordeeld. Indien van toepassing wordt de afschrijvingslast aangepast aan de kortere afschrijvingsperiode. De afschrijvingsperiode is vastgesteld op 10 jaar.

Als onderdeel van de toereikendheidstoets vindt jaarlijks een beoordeling van bijzondere waardevermindering plaats op de toegerekende acquisitiekosten, waarbij wordt vastgesteld of de toekomstige bijdrage uit de verzekeringsproducten voldoende is om de toegerekende kosten te kunnen dekken.

2.18.2 Beheerskosten

Beheerskosten zijn kosten niet zijnde acquisitiekosten, personeelskosten en afschrijvingen.

2.18.3 Personeelskosten

Lonen, salarissen en sociale lasten worden verwerkt in de resultatenrekening voor zover ze verschuldigd zijn aan werknemers en de belastingautoriteiten.

2.18.4 Afschrijvingen op immateriële en materiële vaste activa

Immateriële en materiële vaste activa worden vanaf het moment van ingebruikname afgeschreven over de verwachte toekomstige gebruiksduur van het actief. Op terreinen wordt niet afgeschreven. Indien een schattingswijziging plaatsvindt van de economische levensduur dan worden de toekomstige afschrijvingen aangepast. Boekwinsten en -verliezen uit de incidentele verkoop van materiële vaste activa zijn begrepen onder de bijzondere baten en lasten.

2.19 Andere baten en lasten

Onder de andere baten en lasten zijn de opbrengsten en kosten verantwoord die voortvloeien uit andere dan verzekerings- en beleggingsactiviteiten of een incidenteel karakter hebben.

2.20 Belastingen

De belasting over het resultaat wordt berekend over het resultaat voor belastingen in de resultatenrekening, rekening houdend met fiscaal compensabele verliezen (voor zover niet opgenomen in de latente belastingvorderingen) en vrijgestelde winstbestanddelen en na bijtelling van niet-aftrekbare kosten. Tevens wordt rekening gehouden met wijzigingen in het te hanteren belastingtarief.

3. Risicoparagraaf

3.1 Solvabiliteitspositie

De solvabiliteitspositie van DELA Natura wordt op basis van het standaardmodel onder Solvency II bepaald. 

De Solvency II-ratio is in 2023 enigszins gedaald als gevolg van ontwikkelingen in rente, inflatie en verwachte kosten. Uit stresstesten bleek dat de solvabiliteitspositie robuust is, maar dat DELA Groep gevoelig is voor scenario’s met een lage rente en een lage inflatie.

3.1.1 Ontwikkeling solvabiliteitskapitaalvereiste

De samenstelling van het kapitaalvereiste is in de onderstaande grafiek weergegeven.

Samenstelling SCR

Duidelijk is dat de verzekeringstechnische risico’s en de marktrisico’s de grootste risico’s zijn. Zowel voor de marktrisico’s als voor de verzekeringstechnische risico’s geldt dat de bruto posities (zonder rekening te houden met de mitigerende werking van de winstdeling) zijn toegenomen. Dat wordt grotendeels gecompenseerd door de mitigerende werking van de winstdeling.

3.1.2 Ontwikkeling kernvermogen

Het kernvermogen is in 2023 afgenomen als gevolg van ontwikkelingen in rente, inflatie en verwachte kosten. De samenstelling van het kernvermogen is in de onderstaande grafiek weergegeven (bedragen in € miljoen). 

Samenstelling kernvermogen
'Kernvermogen tier 2' en 'niet in aanmerking komend' zijn nihil

Het kernvermogen is net als vorig jaar vrijwel geheel tier1 kernvermogen. Alle bestanddelen van tier1 staan volledig ter vrije beschikking van DELA. Het tier 3 vermogen betreft een netto positie van een actieve uitgestelde belastingpositie op de Belgische fiscus. 

3.2 Risicoprofiel

DELA Natura staat bloot aan een groot palet aan risico’s. In het hoofdstuk Onze governance van het directieverslag zijn de belangrijkste risicogebieden weergegeven in het risicoprofiel. Tevens zijn in dit hoofdstuk de belangrijkste ontwikkelingen in 2023 ten aanzien van de belangrijkste risico’s opgenomen 

De verschillende risico’s worden in de onderstaande paragrafen nader toegelicht. Om de leesbaarheid te vergroten worden niet alle risico’s in detailniveau besproken en zijn enkele risico’s samengevoegd. 

3.2.1 Marktrisico's

Het marktrisico is het risico op mogelijke verliezen door ongunstige ontwikkelingen op de financiële markten. De waarde van de beleggingen en de waarde van de verplichtingen hangen af van de ontwikkelingen op de financiële markten, de samenstelling van de beleggingsportefeuille en de kenmerken van de verzekeringsverplichtingen.

DELA Natura heeft het marktrisico in belangrijke mate gemitigeerd door haar winstdelingsregeling en premiemaatregel, maar ook door derivaten waarmee een deel van het valutarisico gemitigeerd wordt. DELA Natura hanteert met betrekking tot haar beleggingsbeleid tevens het 'prudent person'-principe en periodiek worden volledige en/of partiële ALM-studies uitgevoerd om te toetsen of het beleggingsbeleid nog passend is. 

In de onderstaande grafiek is de ontwikkeling van het marktrisico, gekwantificeerd op basis van het standaardmodel gepresenteerd (bedragen in € miljoen). 

Marktrisico

De financiële markten herstelden in 2023 gedeeltelijk van de koersdaling in 2022. De rente is in de loop van het jaar ten opzichte van 2022 gestegen, maar eindigde lager. Ook de inflatie is afgenomen. 

De belangrijkste ontwikkelingen met een impact op het kapitaalvereiste voor marktrisico’s in 2023 waren de groei van de beleggingsportefeuille en de betere mitigerende werking van de winstdeling doordat de dekkingsgraad minder ver boven de grens van 210 procent ligt.

3.2.2 Verzekeringstechnische risico's

Het verzekeringstechnisch risico is het risico dat de omvang en het tijdstip van uitkeringen niet overeenstemmen met de verwachtingen zoals opgenomen in de premiestelling. DELA Natura mitigeert het verzekeringstechnisch risico o.a. door winstdelingsregeling en de premiemaatregel maar ook door herverzekering, (medische) acceptatie en het continu aandacht hebben voor de kosten ontwikkeling.

DELA Natura staat alleen bloot aan het levensverzekeringsrisico aangezien het alleen levensverzekeringen voert. De portefeuille van DELA Natura bestaat voor een belangrijk deel uit uitvaartverzekeringen. Hierbij worden aparte tarieven voor Nederland, België en Duitsland gebruikt. Deze tarieven zijn gebaseerd op de specifieke kenmerken en uitgangspunten (rekenrente, kosten, overlevingstafels) die in het betreffende land passend zijn. Jaarlijks wordt onderzocht of deze uitgangspunten passen bij de ontwikkeling van betreffende portefeuilles. De portefeuille is groot in aantal en omvang. Hierdoor is de kans op schommelingen in de resultaten beperkt. 

Daarnaast voert DELA Natura in Nederland en Duitsland een tijdelijke overlijdensrisicoverzekering. De verzekerde kapitalen zijn hierbij aanzienlijk hoger dan bij de uitvaartverzekeringen. Voor deze portefeuille wordt gebruik gemaakt van herverzekering om de volatiliteit van de resultaten te beperken.

Tot slot voert DELA Groep in Nederland een spaarproduct. Het overlijdensrisico in deze portefeuille is beperkt tot 10 procent van de opgebouwde waarde. 

In grafiek hieronder is de opbouw van het verzekeringstechnisch risico grafisch weergegeven (bedragen in € miljoen).

Verzekeringstechnische risico

De verzekeringstechnische risico’s zijn toegenomen. Dat is met name een neveneffect van de gedaalde rente en wordt grotendeels gecompenseerd door de verbeterde mitigerende werking van de winstdeling. Zoals eerder genoemd komt dat doordat de dekkingsgraad minder boven de grens van 210 procent ligt.

3.2.3 Kredietrisico

Kredietrisico (ook wel: tegenpartijkredietrisico) is het risico dat verliezen optreden door een onverwacht in gebreke blijven of een onverwachte verslechtering van de kredietwaardigheid van de tegenpartijen en debiteuren van een verzekeraar. Dit betreft met name vorderingen inzake hypotheken, herverzekeraars, derivaten en overige vorderingen op debiteuren. De omvang van het kredietrisico is in 2023 niet significant gewijzigd.

3.2.4 Liquiditeitsrisico

Dit is het risico dat DELA Natura op enig moment niet aan haar financiële verplichtingen jegens polishouders of andere crediteuren kan voldoen, omdat activa niet snel genoeg verhandeld kunnen worden. Het liquiditeitsrisico wordt binnen Solvency II niet in een kapitaalseis (SCR) uitgedrukt. DELA Natura dient voldoende liquiditeiten ter beschikking te hebben om claims uit te kunnen betalen die voortvloeien uit de gesloten verzekeringsovereenkomsten, maar ook om de overige jaarlijkse lasten te kunnen betalen. DELA Natura maakt gebruik van meerdere banken om over meerdere kredietfaciliteiten te kunnen beschikken. Daarnaast heeft DELA Natura ook kredietfaciliteiten bij de custodian van de aandelen en obligaties. DELA Natura heeft gedurende 2023 voldaan aan haar financiële verplichtingen jegens polishouders en andere crediteuren.

3.2.5 Operationele risico's

Naast de financiële risico’s kent DELA Natura ook operationele risico’s. Dit zijn risico’s die voortkomen uit invloeden van buitenaf, uit het falen van mensen, processen en systemen. Onderstaand wordt nader ingegaan op de belangrijkste operationele risicogebieden. Operationele risico’s doen zich voor op alle niveaus binnen de organisatie. De beheersmaatregelen zijn derhalve ook vastgelegd in verschillende specifieke beleidsdocumenten, protocollen en procesbeschrijvingen. Dit risicodomein is binnen DELA Groep opgebouwd uit de volgende subrisico’s:

3.2.5.1 Interne en externe fraude

DELA Natura maakt onderscheid tussen interne fraude en externe frauderisico’s. Interne fraude is fraude gepleegd door een medewerker van DELA Natura waarbij de medewerker ongeoorloofde activiteiten onderneemt om zichzelf te verrijken en DELA Natura benadeeld wordt. Hieronder vallen malversaties, onterechte onkostendeclaratie, moedwillig onjuiste urendeclaraties etc. Externe fraude is gepleegd door iemand van buiten DELA Natura (externe partijen, leveranciers, klanten etc.) waarbij ongeoorloofde activiteiten worden ondernomen waarmee DELA Natura wordt geconfronteerd. DELA Natura accepteert geen enkele vorm van interne en externe fraude in haar risicobereidheid. Door de aanwezigheid van diverse beheersmaatregelen die vastgelegd zijn in beleidsdocumenten (bijv. fraudebeleid) en procesbeschrijvingen worden de interne frauderisco’s laag en de externe frauderisico’s voor DELA Natura midden ingeschat.
In 2023 hebben er ten aanzien van dit subrisico een of meerdere incidenten plaatsgevonden. Hoewel geen van deze incidenten een significante impact had op de bedrijfsvoering zijn deze incidenten geëvalueerd en waar nodig zijn aanvullende maatregelen getroffen, zoals bijvoorbeeld het aanscherpen van werkinstructies en/of protocollen.

3.2.5.2 Werkomstandigheden en veiligheid

De risico’s die hieronder vallen, hebben betrekking op verliezen als gevolg van handelingen die niet in overeenstemming zijn met wetgeving op het gebied van werkomstandigheden, gezondheid of veiligheid of als gevolg van gebeurtenissen in verband met ongelijkheid of discriminatie. DELA Natura accepteert geen verhoogde risico's t.a.v. de gezondheid en veiligheid van haar medewerkers in haar risicobereidheid. Door de aanwezigheid van diverse beheersmaatregelen die vastgelegd zijn in beleidsdocumenten (bijv. ARBO-beleid) en protocollen worden deze risico’s voor DELA Natura laag ingeschat.
In 2023 hebben er ten aanzien van dit subrisico een of meerdere incidenten plaatsgevonden. Hoewel geen van deze incidenten een significante impact had op de bedrijfsvoering zijn deze incidenten geëvalueerd en waar nodig zijn aanvullende maatregelen getroffen, zoals bijvoorbeeld het aanscherpen van werkinstructies en/of protocollen.

3.2.5.3 Fysieke activa

Dit betreffen de risico’s op verlies van of schade aan het hoofdkantoor, de uitvaartcentra en crematoria als gevolg van natuurrampen of andere gebeurtenissen. DELA Natura accepteert geen risico's met betrekking tot de beschikbaarheid van haar uitvaartfaciliteiten. Door de aanwezigheid van diverse beheersmaatregelen die vastgelegd zijn in beleidsdocumenten en procedures worden deze risico’s op midden ingeschat. 
In 2023 hebben er ten aanzien van dit subrisico een of meerdere incidenten plaatsgevonden. Hoewel geen van deze incidenten een significante impact had op de bedrijfsvoering zijn deze incidenten geëvalueerd en waar nodig zijn aanvullende maatregelen getroffen, zoals bijvoorbeeld het aanscherpen van werkinstructies en/of protocollen.

3.2.5.4 Systeemfalen en procesmanagement

Dit betreffen risico’s op verstoringen van bedrijfsactiviteiten als gevolg van systeemfalen. Hiertoe behoren ook de thema’s cyberrisico’s en informatiebeveiliging. Daarnaast zijn dit de risico’s waarbij sprake is van verliezen als gevolg van falende transactieverwerking of procesbeheer of als gevolg van relaties met leveranciers. DELA Natura heeft in haar risicobereidheid een aantal statements geformuleerd:

  • DELA Natura accepteert geen risico’s met betrekking tot verstoringen van IT / telecomsystemen, die leiden tot substantiële verstoring van de bedrijfskritische operationele processen;
  • DELA Natura accepteert geen risico's die de reputatie van DELA wezenlijk in gevaar brengen; DELA Groep accepteert geen risico's met betrekking tot beheerste bedrijfsvoering.

Door de aanwezigheid van diverse beheersmaatregelen die vastgelegd zijn in beleidsdocumenten (bijvoorbeeld informatiebeveiligingsbeleid en procesmanagementbeleid), procesbeschrijvingen en protocollen worden de risico’s op het vlak van procesmanagement en systeemfalen gedeeltelijk gemitigeerd en voor DELA op midden ingeschat. 
In 2023 hebben er ten aanzien van dit subrisico een of meerdere incidenten plaatsgevonden. Hoewel geen van deze incidenten een significante impact had op de bedrijfsvoering zijn deze incidenten geëvalueerd en waar nodig zijn aanvullende maatregelen getroffen, zoals bijvoorbeeld het aanscherpen van werkinstructies en/of protocollen.

3.2.6 Integriteitsrisico's

Integriteitsrisico’s gaan gepaard met het gevaar voor aantasting van de reputatie of bestaande of toekomstige bedreiging van vermogen of resultaat als gevolg van ontoereikende naleving van hetgeen bij of krachtens enig wettelijk voorschrift is voorgeschreven. Binnen DELA Natura wordt dit risico in de basis gemonitord vanuit de compliancefunctie op basis van de thema’s in de systematische integriteitsrisicoanalyse (SIRA). Het resterende risico wordt derhalve als beperkt ervaren en hiervoor hoeft geen aanvullend kapitaal aangehouden te worden.

De thema’s in SIRA zijn:

  • Organisatie- en medewerkers integriteit: onder organisatie-integriteit vallen thema’s als governance en uitbesteding. Medewerkersintegriteit heeft betrekking op de integriteit van de directie, het intern toezichthoudende orgaan en de interne en externe medewerkers. Onderwerpen die hiermee samenhangen zijn bijvoorbeeld pre-employmentscreeningen, vakbekwaamheid en belangenverstrengeling.
  • Klant-ketenintegriteit: dit betreft zowel de integriteit van de klanten als het integere gedrag van de organisatie richting deze klanten. Daarnaast betreft het de integriteit van de keten waarin de onderneming opereert. Thema’s die hieronder vallen zijn bijvoorbeeld zorgplicht en bestrijding van witwassen en terrorismefinanciering. 
  • Marktintegriteit: dit betreft de integriteit van de (financiële) markt(en). Mededinging en marktmisbruik maken hiervan onderdeel uit. 
  • Integriteit verwerking persoonsgegevens: dit betreft de integriteit van de data die binnen DELA Natura gebruikt worden (denk aan bewerking en beveiliging van persoonsgegevens).

3.2.7 Risico’s welke geen onderdeel zijn van het standaardmodel

Naast de risico’s die in het standaardmodel mee worden genomen bij de vaststelling van de kapitaalvereisten zijn er nog verschillende andere risico’s die van belang zijn voor DELA Natura. In de onderstaande paragrafen worden deze nader toegelicht. 

3.2.7.1 Strategische risico's

Dit zijn onzekerheden die een belemmering kunnen vormen voor de implementatie van de langetermijnstrategie. Deze risico’s kunnen de buitenlandse expansie of het handhaven van het bedrijfsmodel waarin het kunnen geven van winstdeling essentieel is, belemmeren. Deze risico’s worden vooral ondervangen door een gedegen strategieproces. Dit proces wordt begeleid door externe consultants, waarop de rvc toezicht houdt. Bij de implementatie worden business cases gehanteerd om de benodigde investeringen te toetsen en beheersbaar te houden. Daarnaast wordt in de jaarlijkse ORSA geanalyseerd welke risico’s een potentiële bedreiging vormen voor de continuïteit van DELA Natura. Uit stresstesten bleek dat de solvabiliteitspositie robuust is, maar dat DELA Natura gevoelig is voor scenario’s met een lage rente en een lage inflatie. Indien nodig worden voorbereidende maatregelen getroffen of andere keuzes gemaakt. De belangrijkste randvoorwaarden en maatregelen zijn uitgewerkt in het kapitaalbeleid dat jaarlijks geëvalueerd wordt. Het risico wordt derhalve als beperkt ervaren en hiervoor hoeft geen aanvullend kapitaal aangehouden te worden. 

De externe ontwikkelingen die impact kunnen hebben op de strategie worden continu gemonitord en meegenomen in het lopende  strategieproces.

3.2.7.2 Reputatierisico

Het reputatierisico is het risico op schade door reputatieverlies. Het reputatierisico wordt beheerst door het actief invulling geven aan reputatiemanagement, met als belangrijke pijler het incidentenmanagement. Hierbij worden mogelijke reputatierisico’s en de bijbehorende uitstralingseffecten tijdig geïdentificeerd en eventuele managementacties tijdig in gang gezet. Ook zijn de ondernemingscultuur en gewenste toon aan de top belangrijke pijlers om dit risico te mitigeren, ondersteund door opleidingsprogramma’s, de administratieve organisatie en interne beheersing. Het risico wordt daarom als beperkt ervaren en hiervoor hoeft geen aanvullend kapitaal aangehouden te worden. 

3.2.7.3 Uitvaartkosteninflatie

Het standaardmodel bevat geen uitvaartkosteninflatierisico. Hoewel dit inflatierisico het risico van de polishouders is, is dit risico toch van belang aangezien een stijging van de uitvaartkosten direct leidt tot een premiestijging. DELA Natura streeft naar een goede dienstverlening aan leden tegen een zo laag mogelijke premie. In de ORSA wordt hier dan ook specifiek aandacht aan besteed. DELA Natura heeft in enige mate invloed op de ontwikkeling van de uitvaartkosteninflatie en volgt de ontwikkeling van de uitvaartkosteninflatie nauwgezet gedurende het jaar.

3.2.7.4 Duurzaamheidsrisico

Onder het duurzaamheidsrisico valt onder andere het risico van klimaatveranderingen. DELA Natura wordt hier zowel direct mee geconfronteerd als indirect via haar beleggingen. In 2023 is de impact van klimaatrisico’s wederom nader geanalyseerd in de ORSA. De risico’s die klimaatverandering met zich meebrengt, hebben beperkte invloed op de dekkingsgraad, premiestijging en solvabiliteit. Bij de inprijzing van klimaatgerelateerde risico’s zien we dat de dekkingsgraad langer laag blijft en de premiestijging hoger is dan in het basisscenario. De solvabiliteit blijft in de verschillende klimaatscenario’s overeind.

3.2.7.5 Verslaggevingsrisico

Daarnaast heeft DELA Natura te maken met het verslaggevingsrisico. Dit is het risico dat de financiële en niet- financiële rapportages van de onderneming substantieel onjuiste of onvolledige informatie bevatten. Tevens betreft dit het risico dat interne en externe belanghebbenden niet tijdig kennis kunnen nemen van de rapportages. Dit risico wordt binnen DELA Natura onder andere beheerst door maatregelen en procedures die in verschillende beleidsdocumenten zijn
vastgelegd en in praktijk worden gebracht, zoals het Beleid externe verslaglegging volgens de richtlijnen van de Jaarverslaggeving (RJ) en het Beleid inzake openbaarmaking SFCR en rapportages aan de toezichthouder.

4. Toelichting op de balans

4.1 Immateriële vaste activa

Verloop
Bedragen x € 1.000   2023 2022    
           
Boekwaarde per 1 januari   47.726  37.157     
           
Investeringen   23.101  14.767     
Afschrijvingen   -5.262  -4.198     
           
Boekwaarde per 31 december   65.565  47.726     
           
Immateriële vaste activa, cumulatief
Bedragen x € 1.000   31-12-2023 31-12-2022    
           
Verkrijgingsprijzen   130.612  107.511     
Cumulatieve waardemutaties en afschrijvingen   -65.047  -59.785     
           
Boekwaarde per 31 december   65.565  47.726     
Immateriële vaste activa, specificatie
Bedragen x € 1.000 Overgenomen verzekeringsportefeuilles Softwaresystemen Overig Totaal  
           
Boekwaarde per 1 januari 9.611  36.889  1.225  47.725   
           
Investeringen 23.102  23.102   
Desinvesteringen  
Afschrijvingen -610  -4.346  -306  -5.262   
           
Boekwaarde per 31 december 9.001  55.645  919  65.565   

4.2 Beleggingen

4.2.1 Terreinen en gebouwen

Overige terreinen en gebouwen, verloop
Bedragen x € 1.000   31-12-2023 31-12-2022    
           
Boekwaarde per 1 januari   24.791  24.070     
           
Investeringen   18     
Desinvesteringen   -24.791     
Herwaardering   1.432     
           
Boekwaarde per 31 december   25.520     

Het hoofdkantoor van DELA Groep is in 2023 verkocht door DELA Natura aan haar dochteronderneming DELA Crematoria Groep B.V.

4.2.2. Deelnemingen in groepsmaatschappijen en deelnemingen

Deelnemingen, specificatie
Bedragen x € 1.000 Aandeel in geplaatst kapitaal 31-12-2023 31-12-2022    
           
DELA Vastgoed B.V., Eindhoven 100% 172.092  167.167     
DELA Crematoria Groep B.V., Eindhoven 100% 179.955  179.388     
DELA US Investments B.V., Eindhoven 100% 638.565  641.951     
DELA Hypotheken B.V., Capelle a/d IJssel 100% 279.938  270.456     
DELA Investment Belgium N.V., Antwerpen 100% 49.678  45.502     
DELA Vastgoed België N.V., Luik 100% 57.417  60.995     
Dela Enterprises N.V., Antwerpen 100% 1.720  1.720     
           
Boekwaarde per 31 december   1.379.365  1.367.179     

De deelnemingen DELA Vastgoed B.V. en DELA Crematoria Groep B.V. hebben onroerende zaken op de balans. In de waardebepaling van onroerende zaken zijn schattingen opgenomen. Daarom bestaat er een mate van onzekerheid in de waardering en dient er bij de waardering altijd met een bandbreedte rekening gehouden te worden. De nauwkeurigheid van een taxatie van een courant object wordt geacht te liggen binnen een bandbreedte van 10 procent (+/ -) van de waarde.

Deelnemingen, verloop
Bedragen x € 1.000   2023 2022     
           
Boekwaarde per 1 januari   1.367.179  1.256.772     
           
Resultaat deelneming   -49.814  137.066     
Investeringen   62.000  232.000     
Dividend   -258.384     
Desinvesteringen   -275     
           
Boekwaarde per 31 december   1.379.365  1.367.179     
Leningen aan en vorderingen op groepsmaatschappijen, specificatie
Bedragen x € 1.000   31-12-2023 31-12-2022    
           
Rekeningcourant groepsmaatschappijen          
- DELA Holding N.V.   114.919  37.465     
- DELA Crematoria Groep B.V.   48.171     
- DELA US Investments B.V.   56.833     
- DELA Investment Belgium N.V.   1.634  2.813     
- DELA Vastgoed België N.V.   7.029  93     
    171.753  97.204     
Leningen aan groepsmaatschappijen          
- DELA Holding N.V.   1.000  1.500     
- DELA Crematoria Groep B.V.   106.600  112.200     
    107.600  113.700     
           
Totaal   279.353  210.904     

Over het gemiddeld saldo van deze rekening-courantverhoudingen wordt 3,5% (kort) en 7,0% (lang) rente berekend. Omtrent aflossing en zekerheden is niets geregeld. 

4.2.3 Overige financiële beleggingen

Verloop
Bedragen x € 1.000 Eindstand 2022 Aankopen Verkopen en aflossingen Overige mutaties Eindstand 2023
           
Aandelen en andere niet-vastrentende waardepapieren 1.764.933  751.391  -795.124  195.360  1.916.560 
Obligaties en andere vastrentende waardepapieren 2.147.344  1.460.615  -1.342.035  91.759  2.357.683 
Derivaten 63.021  -48.928  14.093 
Vorderingen uit hypothecaire leningen 1.015  -34  -15  966 
Vorderingen uit andere leningen 221.795  140.442  -212.671  10.357  159.923 
Vastgoedfondsen 1.309.118  72.959  -142.189  1.239.888 
Infrastructuurfondsen 900.576  62.319  17.293  980.188 
Land- en bosbouwfondsen 103.686  143.665  3.196  250.547 
Hypotheekfondsen 298.979  82.563  7.474  389.016 
Beleggingen in liquide middelen 62.644  -2.066  60.578 
Andere financiële beleggingen 7.078  17.004  535  24.617 
           
Totaal 6.880.189  2.730.958  -2.349.864  132.776  7.394.059 
Overige financiële beleggingen, overige waarderingen 2023
Bedragen x € 1.000     Balans-
waarde
Kostprijs Markt-
waarde
           
Aandelen en andere niet-vastrentende waardepapieren     1.916.560  1.592.855  1.916.560 
Obligaties en andere vastrentende waardepapieren     2.357.683  2.463.539  2.357.683 
Derivaten     14.093  14.093 
Vorderingen uit hypothecaire leningen     966  966  966 
Vorderingen uit andere leningen     159.923  167.031  159.923 
Vastgoedfondsen     1.239.888  1.245.383  1.239.888 
Infrastructuurfondsen     980.188  877.057  980.188 
Land- en bosbouwfondsen     250.547  248.012  250.547 
Hypotheekfondsen     389.016  436.953  389.016 
Beleggingen in liquide middelen     60.578  60.578  60.578 
Andere financiële beleggingen     24.617  24.207  24.617 
           
Totaal     7.394.059  7.116.581  7.394.059 
Overige financiële beleggingen, overige waarderingen 2022
Bedragen x € 1.000     Balans-
waarde
Kostprijs Markt-
waarde
           
Aandelen en andere niet-vastrentende waardepapieren     1.764.933  1.649.553  1.764.933 
Obligaties en andere vastrentende waardepapieren     2.147.344  2.424.531  2.147.344 
Derivaten     63.021  63.021 
Vorderingen uit hypothecaire leningen     1.015  1.015  1.015 
Vorderingen uit andere leningen     221.795  236.653  221.795 
Vastgoedfondsen     1.309.118  1.172.425  1.309.118 
Infrastructuurfondsen     900.576  814.738  900.576 
Land- en bosbouwfondsen     103.686  104.346  103.686 
Hypotheekfondsen     298.979  354.389  298.979 
Beleggingen in liquide middelen     62.644  62.644  62.644 
Andere financiële beleggingen     7.078  7.203  7.078 
           
Totaal     6.880.189  6.827.497  6.880.189 
Niet-afgedekte valutaposities
Bedragen x € 1.000   31-12-2023 31-12-2022    
           
Amerikaanse dollar    1.089.183   910.110     
Hong Kong dollar    122.913   144.500     
Nieuwe Taiwanese dollar    87.441   63.501     
Zuid-Koreaanse won    83.732   76.019     
Indiase roepie    66.840   56.136     
Australische dollar    62.154   54.867     
Braziliaanse real    56.960   64.050     
Zuid-Afrikaanse rand    42.694   50.592     
Mexicaanse peso    41.148   50.552     
Overig    407.493   378.219     
           
Totaal    2.060.558   1.848.546     

Aandelen en obligaties
Alle aandelen en obligaties zijn beursgenoteerd. 

De modified duration is een maat voor de rentegevoeligheid. De modified duration van de obligaties en andere leningen bedraagt gemiddeld 5,2.

Aandelen, geografisch verdeeld
Bedragen x € 1.000   31-12-2023 31-12-2022    
           
Azië-Pacific   32,8% 33,4%    
Europa   25,5% 25,8%    
Noord-Amerika   36,0% 34,3%    
Latijns-Amerika   3,3% 3,7%    
Midden-Oosten   2,4% 2,8%    
           
Totaal   100,0% 100,0%    
Aandelen, verdeling naar sector
Bedragen x € 1.000   31-12-2023 31-12-2022    
           
Informatie Technologie   20,3% 15,9%    
Financiële instellingen   18,9% 17,7%    
Industrie   12,3% 11,9%    
Luxe consumentengoederen   11,7% 11,2%    
Gezondheidszorg   9,1% 10,3%    
Consumptiegoederen   6,6% 8,6%    
Communicatiediensten   6,6% 6,5%    
Energie   5,4% 5,7%    
Grondstoffen   4,7% 6,2%    
Vastgoed   2,6% 3,0%    
Nutsbedrijven   1,8% 3,0%    
           
Totaal   100,0% 100,0%    
Vastrentende waardepapieren, verdeling naar rating
Bedragen x € 1.000   31-12-2023 31-12-2022    
           
AAA   31,2% 28,1%    
AA   14,3% 13,4%    
A   6,4% 6,4%    
BBB   15,9% 17,5%    
< BBB   20,3% 24,5%    
Overige   11,9% 10,1%    
           
Totaal   100,0% 100,0%    

Overige leningen
Voor een lening (groot € 3,5 miljoen) is een zekerheid verworven middels pandrecht op alle uitstaande aandelen van de betreffende tegenpartij en een borgstelling ter hoogte van € 0,5 miljoen. 

Derivaten
De waardering van de derivaten (valutatermijn contracten) vindt plaats op basis van de ‘mark-to-model’ benadering. De gemiddelde resterende looptijd van deze contracten bedraagt 7 weken.

Vastgoedfondsen 
De vastgoedfondsen zijn niet-beursgenoteerd. De waardering van de vastgoedfondsen betreft de reële waarde, waarbij de DCF-methode is gehanteerd. Deze waardering wordt van de fondsmanagers overgenomen en betreft de waarderingsmethode die ook gebruikt wordt bij het verhandelen van eigendomsstukken. De waardering voldoet aan algemene aanvaardbare waarderingsmethodes. Deze waardering wordt uitgevoerd door een externe taxateur/waardeerder. Van de meeste fondsen ontvangen wij een ISAE3402 Type II rapport of equivalent daarvan. De controleverklaring van de externe accountant bij de waardering of jaarrekening van de fondsen wordt voor een aantal fondsen pas ontvangen nadat de jaarrekening van DELA Natura is vastgesteld. Analyse heeft uitgewezen dat er voldoende zekerheid bestaat over de betrouwbaarheid van de door fondsmanagers verantwoorde waarderingen, er blijft echter in beperkte mate sprake van schattingsonzekerheden die van nature aanwezig zijn bij de door het fonds gehouden investeringen.

Infrastructuurfondsen en land- en bosbouwfondsen
De infrastructuurfondsen en land- en bosbouwfondsen zijn niet-beursgenoteerd. De waardering van de fondsen betreft de reële waarde en wordt van de fondsmanagers overgenomen. Bij waardering van de fondsen is de DCFmethode gehanteerd. Bij de waardering van de fondsen worden de lokale boekhoudstandaarden gehanteerd. Vastgesteld is dat deze standaarden slechts marginaal van elkaar afwijken. De waardering wordt uitgevoerd door een externe taxateur/waardeerder. We ontvangen van de meeste fondsen een ISAE3402 Type II rapport of equivalent daarvan. De controleverklaring van de externe accountant bij de waardering of jaarrekening van de fondsen wordt voor een aantal fondsen pas ontvangen nadat de jaarrekening van DELA Natura is vastgesteld. Analyse heeft uitgewezen dat er voldoende zekerheid bestaat over de betrouwbaarheid van de door fondsmanagers verantwoorde waarderingen, er blijft echter in beperkte mate sprake van schattingsonzekerheden die van nature aanwezig zijn bij de door het fonds gehouden investeringen.

Hypotheekfondsen 
Het hypothekenfonds is niet-beursgenoteerd en bestaat uit investeringen in niet-NHG hypotheken. De waardering van het hypothekenfonds betreft de reële waarde en wordt van de fondsmanagers overgenomen. Bij de waardering van het hypothekenfonds is de DCF-methode gehanteerd. Het fonds past lokale boekhoudstandaarden toe die door DELA geëvalueerd worden op toepasbaarheid binnen de eigen waarderingsgrondslagen. De waardering wordt intern uitgevoerd en getoetst door de externe accountant van het fonds. We ontvangen een ISAE3402 Type II rapport daarvan. De controleverklaring van de externe accountant bij de jaarrekening van het fonds wordt ontvangen voordat de jaarrekening van DELA Natura is vastgesteld. Analyse heeft uitgewezen dat er voldoende zekerheid bestaat over de betrouwbaarheid van de verantwoorde waarderingen, er blijft echter in beperkte mate sprake van schattingsonzekerheden die van nature aanwezig zijn bij door het fonds gehouden investeringen.

Per balansdatum bedraagt de loan-to-value 70,1 procent (2022: 66,7 procent).

Overige financiële beleggingen
De onder de Overige financiële beleggingen opgenomen bedragen hebben betrekking op belangen in niet-beursgenoteerde participatiemaatschappijen en een leningenfonds. 

De marktwaarde van participatiemaatschappijen is gebaseerd op de DCF-methode.

Het leningenfonds is niet-beursgenoteerd en bestaat uit investeringen in bedrijfsleningen. De waardering van het leningenfonds betreft de reële waarde en wordt van de fondsmanagers overgenomen. Bij de reële waardering van het leningenfonds zijn de standaarden gehanteerd die aansluiten bij IFRS en US GAAP. DELA heeft vastgesteld dat deze standaarden slechts marginaal afwijken van de DELA-grondslagen. De waardering wordt uitgevoerd door een externe waardeerder. We ontvangen van het fonds een ISAE3402 Type II rapport. Voordat de jaarrekening van DELA Groep is vastgesteld ontvangt DELA in ieder geval een controleverklaring van de accountant waarmee er voldoende zekerheid bestaat over de betrouwbaarheid van de verantwoorde waarderingen, er blijft echter in beperkte mate sprake van schattingsonzekerheden die van nature aanwezig zijn bij door het fonds gehouden investeringen.

Beleggingen in liquide middelen 
Beleggingen in liquide middelen hebben betrekking op vorderingen en schulden die direct verband houden met de beleggingsportefeuilles met een afgegeven mandaat aan de vermogensbeheerder. Het betreft met name geldposities in de verschillende FGR's (Fonds Gemene Rekening).

Securities lending 
DELA Natura leent aandelen en obligaties uit. Om het risico voor DELA Natura te beperken, dienen de leners hiervoor onderpand (collateral) te storten. Hierbij is cash-collateral niet toegestaan en aan de lenende partijen worden strenge eisen gesteld. Om het risico verder te beperken worden de volgende aanvullende restricties opgelegd:

  • alleen tegenpartijen met een rating van minimaal A- volgens S&P;
  • onderpand alleen staatsobligaties van OECD-landen met een rating van minimaal AA- volgens S&P;
  • de marktwaarde van het onderpand dient minimaal 102 procent te bedragen van de marktwaarde van de uitgeleende effecten;
  • aandelen op onze engagementlijst worden niet uitgeleend. Engagement is het proces waarbij actief gebruik gemaakt wordt van rechten als aandeelhouder.

De marktwaarde van de uitgeleende stukken per 31-12-2023 bedraagt € 408,4 miljoen (2022: € 518,6 miljoen). De waarde van het onderpand bedraagt € 421,8 miljoen (2022: € 536,2 miljoen).

4.3 Vorderingen

4.3.1 Vorderingen uit directe verzekeringen

Door de omvang en spreiding van de bedrijfsactiviteiten van DELA Natura is het kredietrisico uit hoofde van vorderingen uit directe verzekeringen slechts in beperkte mate geconcentreerd. Naast de gebruikelijke voorziening voor dubieuze vorderingen op tussenpersonen is derhalve geen aanvullende voorziening voor kredietrisico gevormd.

4.3.2 Overige vorderingen

Specificatie
Bedragen x € 1.000   31-12-2023 31-12-2022    
           
Latente belastingvorderingen   133.318  124.946     
Vennootschapsbelasting   1.584  16.887     
Belastingen en premies sociale verzekeringen   4.886  12.093     
Debiteuren   163  1.813     
Overige vorderingen   18.067  23.538     
           
Totaal   158.018  179.277     

De overige vorderingen hebben een looptijd van korter dan een jaar met uitzondering van de latente belastingvorderingen.

Op de latente belastingposities wordt (waar mogelijk) saldering toegepast. In de tabel hieronder is een specificatie gegeven van de verschillende latente posities die gezamenlijk gepresenteerd zijn op de actiefzijde van de balans, waarbij als gevolg van saldering ook negatieve bedragen in zijn opgenomen.

Latente belastingvorderingen, specificatie
Bedragen x € 1.000   31-12-2023 31-12-2022    
Inzake andere fiscale waardering van:          
- technische voorziening   100.023  109.307     
- verliesverrekening   86.218     
- eerste kosten   37.199  33.768     
- effecten   -31.723  47.113     
- onroerende zaken   -61.263  -66.182     
- overig   2.864  940     
           
Totaal   133.318  124.946     

Als gevolg van een negatieve fiscaal resultaat is er in 2023 een verlieslatentie ontstaan. Door een stijging van de reële waarde van de beleggingen in boekjaar 2023 zijn de actieve latenties op effecten gewijzigd in passieve latenties.

De latente belastingvorderingen hebben overwegend een langlopend karakter.

4.4 Materiële vaste activa

Verloop
Bedragen x € 1.000   2023  2022     
           
Boekwaarde per 1 januari   461  447    
           
Investeringen   137  155    
Desinvesteringen   -31  -1    
Afschrijvingen   -94  -140    
           
Boekwaarde per 31 december   473  461    

De materiële vaste activa betreffen inventaris en computers. Op de desinvesteringen is geen resultaat gerealiseerd.

4.5 Liquide middelen

De liquide middelen bestaan hoofdzakelijk uit banktegoeden en staan ter vrije beschikking.

4.6 Overlopende activa

De overlopende activa bestaan uit lopende rente en huur en vooruitbetaalde bedragen.

4.7 Eigen vermogen

Verloop
Bedragen x € 1.000   2023  2022     
           
Boekwaarde per 1 januari   921.610  1.682.631     
           
Resultaat na belastingen   -11.398  -672.019     
Uitgekeerd dividend   -89.000     
Overige waardemutaties   -2     
           
Boekwaarde per 31 december   910.212  921.610     

Voorgesteld wordt het resultaat na belastingen van - € 11.399.000 ten laste te brengen aan de overige reserves. Vooruitlopend op de vaststelling door de algemene vergadering is deze resultaatbestemming reeds in de jaarrekening verwerkt.

4.7.1 Aandelenkapitaal

Het maatschappelijk (145.210 stuks) en geplaatst kapitaal (29.498 stuks) van de onderneming bedroeg per 31 december 2023 respectievelijk € 14.521.000 en € 2.950.000.

4.7.2 Agioreserve

De agioreserve is ontstaan bij de aandelenuitgifte boven de nominale waarde en betreft dus een vrije reserve.

4.7.3 Herwaarderingsreserve

Verloop
Bedragen x € 1.000   2023  2022     
           
Stand per 1 januari   412.184  361,360    
           
Van (naar) overige reserves inzake waardemutatie beleggingen zonder frequente marktnotering   -15.067  168,616    
Van (naar) overige reserves inzake verkoop beleggingen zonder frequente marktnotering   -21.035  -117,792    
           
Stand per 31 december   376.082  412,184    

4.7.4 Wettelijke en statutaire reserves

Verloop
Bedragen x € 1.000   2023  2022     
           
Stand per 1 januari   27.693  23,579    
           
Investering intern ontwikkelde softwaresystemen   2.054  5,899    
Afschrijvingen intern ontwikkelde softwaresystemen   -981  -1,785    
           
Stand per 31 december   28.766  27,693    

Ter hoogte van de geactiveerde kosten van intern ontwikkelde softwaresystemen is een wettelijke reserve gevormd. Deze bedraagt per eind 2023 € 9,8 miljoen. De rest van de wettelijke reserves komen voort uit dochtermaatschappijen van DELA Natura.

4.7.5 Overige reserves

Verloop
Bedragen x € 1.000   2023  2022     
           
Stand per 1 januari   403.894  1,219,853    
           
Uit bestemming resultaat boekjaar   -11.398  -672,019    
Uitgekeerd dividend   -89,000    
Van (naar) herwaarderingsreserve inzake waardemutatie beleggingen zonder frequente marktnotering   15.067  -168,616    
Van (naar) herwaarderingsreserve inzake verkoop beleggingen zonder frequente marktnotering   21.035  117,792    
Naar wettelijke reserve inzake geactiveerde kosten intern ontwikkelde software   -1.073  -4,114    
Overige mutaties   -2    
           
Stand per 31 december   427.525  403,894    

4.8 Technische voorzieningen

Verloop
Bedragen x € 1.000   2023  2022     
           
Boekwaarde per 1 januari   7.531.735  7.172.312     
           
- Uit premie   561.051  523.206     
- Interest   189.851  178.840     
- Winstdeling   249.224  43.654     
- Acquisitie   19.982     
- Uitkeringen   -294.417  -201.332     
- Deelpremie voor overlijden   -187.990  -175.760     
- Onttrekking voor kosten   -18.442  -17.914     
- Overige mutaties   -280  -898     
- Toegerekende acquisitiekosten   -9.332  -10.355     
           
Boekwaarde per 31 december   8.021.400  7.531.735     

Nagenoeg de totale technische voorziening is als langlopend te beschouwen. De modified duration van de technische voorziening bedraagt 36,0. 

Het aandeel van herverzekeraars in de technische voorzieningen en de uitkeringen waartoe DELA Natura uit hoofde van haar herverzekeringscontracten gerechtigd is, worden in mindering gebracht op de bruto technische voorzieningen.

De voorzieningen voor het levenrisico zijn in beginsel gebaseerd op tariefgrondslagen en dat zijn doorgaans bevolkingssterfetafels, een vaste rekenrente en kostenparameters voor eerste en doorlopende kosten.

Technische voorzieningen, specificatie 2023
Bedragen x € 1.000 Jaarpremie Verzekerd kapitaal Opgebouwd saldo Voorziening verzekerings-verplichtingen Aantal verzekerden
           
Uitvaartverzekering 633.350  30.849.723  7.593.849   4.978.491 
Spaarverzekering 36.064  462.710  420.646  420.646   53.157 
Overlijdensrisicoverzekering 62.553  47.292.139  120.092   509.585 
Herverzekering -14.228   
Overrentedeling       17.206   
Toegerekende acquisitiekosten -116.165   
           
Totaal 731.967  78.604.572  420.646  8.021.400  5.541.233 
Technische voorzieningen, specificatie 2022
           
Bedragen x € 1.000 Jaarpremie Verzekerd kapitaal Opgebouwd saldo Voorziening verzekerings-verplichtingen Aantal verzekerden
           
Uitvaartverzekering 589.388  28.904.875  7.100.926  4.928.579 
Spaarverzekering 43.465  506.381  460.401  460.401  55.136 
Overlijdensrisicoverzekering 57.527  43.558.706  102.522  505.747 
Herverzekering       -25.281   
Toegerekende acquisitiekosten       -106.833   
           
Totaal 690.380  72.969.962  460.401  7.531.735  5.489.462 
Toegerekende acquisitiekosten, verloop
Bedragen x € 1.000   2023  2022     
           
Boekwaarde per 1 januari   106.833  96.478     
           
Toegerekend   27.265  26.126     
Afgeschreven   -17.933  -15.771     
           
Boekwaarde per 31 december   116.165  106.833     

Op de technische voorziening in mindering gebrachte acquisitiekosten betreft betaalde provisies in België en Duitsland.

4.8.1 Toereikendheidstoets

De toereikendheidstoets betreft een toets van de technische voorziening waarbij wordt aangetoond dat deze toereikend is om met een grote mate van zekerheid aan de verplichtingen jegens polishouders te kunnen voldoen. De toets houdt in dat de balansvoorziening verminderd met hiermee verband houdende toegerekende acquisitiekosten en immateriële activa wordt vergeleken met een voorziening die rekening houdt met actuele inschattingen van alle toekomstige kasstromen en met toekomstige ontwikkelingen. In deze kasstromen zijn de winstdeling en premiemaatregel begrepen. Bij deze actuele schatting zijn onzekerheidsmarges in acht genomen zoals voorgeschreven in Richtlijn 605 van de Raad voor de Jaarverslaggeving.

Indien deze actuele schatting lager uitkomt dan de aanwezige technische voorziening, kan gesteld worden dat de aanwezige balansvoorziening toereikend is om de toekomstige verplichtingen jegens de polishouders te voldoen.

Jaarlijks wordt deze toereikendheidstoets op de totale portefeuille verzekeringsverplichtingen uitgevoerd. Een eventueel tekort wordt onmiddellijk ten laste van de resultatenrekening gebracht door in eerste instantie de toekomstige winstmarges in overgenomen portefeuilles af te boeken, eventueel gevolgd door een afboeking van de toegerekende acquisitiekosten en vervolgens voor zover noodzakelijk een aanvullende voorziening te treffen. Afboekingen op toegerekende acquisitiekosten of toekomstige winstmarges in overgenomen portefeuilles als gevolg van deze toets worden in latere jaren niet meer teruggenomen. In het verleden zijn er geen afboekingen geweest.

Veronderstellingen toereikendheidstoets
Disconteringsvoet Gebaseerd op door EIOPA gepubliceerde rentetermijnstructuur, waarbij rekening is gehouden met de Ultimate Forward Rate (UFR) per 31 december 2023.
Winstdeling Er is sprake van volledige winstdeling indien de dekkingsgraad, ofwel de marktwaarde van de beleggingen uitgedrukt in procenten van de marktwaarde van de reeds toegekende verplichtingen, hoger is dan 210%. Indien de dekkingsgraad 120% of lager is, dan is er geen winstdeling. Tussen 120% en 210% is de winstdeling naar evenredigheid.
Premiemaatregel Indien zowel de 20-jaars swaprente volgens de hierboven omschreven rentetermijnstructuur lager is dan 1% en als de dekkingsgraad lager is dan 120%, wordt er een extra premieverhoging gevraagd. De extra premieverhoging bereikt de maximale waarde bij een rente van - 1%.
Verwachte sterfte Gebaseerd op de prognosetafel 2022 van het Koninklijk Actuarieel Genootschap voor Nederland, de prognosetafel 2020 van het Instituut van de Actuarissen in België voor België en de sterftetafel 2008T van de Deutschen Aktuarvereinigung voor Duitsland. De sterftekansen uit deze bevolkingstafels zijn gecorrigeerd op basis van portefeuillestatistieken
Onnatuurlijk verval Ervaringskansen per homogene risicogroep op basis van de eigen portefeuille
Kosten De kosten per dekking zijn voor zowel Nederland als België bepaald op basis van de begroting 2024 en beleggingskosten die passen bij de verwachte beleggingsmix in 2024
Garanties Reële waarde

Het totaal van de technische voorzieningen laat bij de uitgevoerde toereikendheidstoets per ultimo 2023 op actuele waarde een overwaarde van € 2,3 miljard zien. Dit is nagenoeg gelijk aan vorig jaar. De uitkomsten van de toereikendheidstoets zijn op het niveau van DELA Natura (inclusief het Belgische en Duitse bijkantoor) uitgevoerd.

4.9 Voorzieningen

Verloop
Bedragen x € 1.000 Boekwaarde '31-12-2022 Dotatie Onttrokken Overige waardemutaties Boekwaarde '31-12-2023
           
Voorziening latente belastingen 5.950  10.924  16.874 
Voorziening ambtsjubilea 576  33  609 
           
Totaal 6.526  10.957  17.483 

De voorzieningen hebben overwegend een langlopend karakter.

Op de latente belastingposities wordt (waar mogelijk) saldering toegepast. In de tabel hieronder is een specificatie gegeven van de verschillende latente posities die gezamenlijk gepresenteerd zijn op de passiefzijde van de balans, waarbij als gevolg van saldering ook negatieve bedragen in zijn opgenomen.

Voorziening latente belastingen, specificatie
Bedragen x € 1.000   31-12-2023 31-12-2022    
Inzake andere fiscale waardering van:          
- verliesverrekening voorgaande jaren   -14.104  -16.279     
- eerste kosten België   15.867  15.308     
- effecten   15.111  6.921     
           
Totaal   16.874  5.950     

4.10 Depot van herverzekeraars

De schulden aan herverzekeraars maken deel uit van een arrangement en hebben een langlopend karakter. De herverzekeraars zijn verplicht het herverzekerd belang in contanten bij de verzekeraars van DELA Natura te deponeren. Over het depot wordt een rente vergoed van 3% tot 4,5% per jaar.

Depot herverzekeraars, verloop
Bedragen x € 1.000   31-12-2023 31-12-2022    
           
Boekwaarde per 1 januari   18.462  17.359     
           
Stortingen   1.114  1.103     
Afkoop herverzekeringscontract   -12.637     
           
Boekwaarde per 31 december   6.939  18.462     

In 2023 is een herverzekeringscontract die betrekking had op een inactieve portefeuille afgekocht. Het bijbehorende depot is daardoor ook teruggestort.

4.11 Schulden

Schulden uit directe verzekering ontstaan wanneer polishouders premie vooruitbetalen.

Bij de aanwezige schulden is geen sprake van (dis)agio waardoor de geamortiseerde kostprijs gelijk is aan de nominale waarde.

Overige schulden, specificatie
Bedragen x € 1.000   31-12-2023 31-12-2022    
           
Crediteuren   2.649  2.224     
Vennootschapsbelasting   10.294  19.394     
Schulden aan groepsmaatschappijen   239.254  144.081     
Te betalen BTW   207  144     
Te betalen belastingen en sociale premies   -4.929  3.398     
Geldleningen   15.500  17.500     
Overige   10.292  660     
           
Totaal   273.267  187.401     

De stijging van de schulden aan groepsmaatschappijen wordt voornamelijk veroorzaakt door een hogere rekening-courantschuld aan DELA Vastgoed B.V. De oplopende positie komt door de verkoop van panden. De opbrengsten hiervan worden bij DELA Natura belegd.

Geldleningen, verloop
Bedragen x € 1.000   31-12-2023 31-12-2022    
           
Boekwaarde per 1 januari   17.500  17.500     
           
Aflossingen   -2.000     
           
Boekwaarde per 31 december   15.500  17.500     

De geldleningen hebben een looptijd langer dan 5 jaar.

4.12 Overlopende passiva

Specificatie
Bedragen x € 1.000   31-12-2023 31-12-2022    
           
Vooruitontvangen huren   49  29     
Nog te betalen overige schulden   12.068  19.345     
Te betalen vakantiedagen   374  703     
Te betalen vakantiegeld   858  763     
Te betalen 13e maand   185  285     
Te betalen variabele beloning   32     
Individueel Keuze Budget   501     
           
Totaal   13.541  21.658     

4.13 Niet in de balans opgenomen activa en verplichtingen

4.13.1 Garantiestelling terrorisme

Uit hoofde van het deelnemen in de Nederlandse Herverzekeringsmaatschappij voor Terrorismeschaden N.V. bestaat een voorwaardelijke verplichting van terreurschaden voor een bedrag van maximaal € 2,1 miljoen. Er heeft zich in het boekjaar geen terreurschade binnen deze overeenkomst voorgedaan.

4.13.2 Meerjarige financiële verplichtingen

(Meerjarige) financiële verplichtingen
Bedragen x € 1.000 Korter dan één jaar Tussen één en vijf jaar Langer dan vijf jaar    
           
Leaseverplichtingen 199  172     

4.13.3 Kredietfaciliteiten

DELA Natura heeft een kredietfaciliteit bij Northern Trust met een maximum van € 100 miljoen of 10 procent van de waarde van de effecten die in bewaring zijn gegeven. Het onderpand bestaat uit de effecten die bij Northern Trust in bewaring liggen. Het verschuldigde rentepercentage betreft het ESTER-rentetarief plus een opslag van 1,25%.

4.13.4 Investeringsverplichting

DELA Groep is in 2023 geen nieuwe overeenkomsten aangegaan voor investeringen in infrastructuurfondsen. Ultimo 2023 zijn de resterende investeringsverplichtingen met diverse tegenpartijen € 11,1 miljoen en $ 34,5 miljoen (per balansdatum omgerekend € 31,3 miljoen).

DELA Groep is in 2023 geen nieuwe overeenkomsten aangegaan voor investeringen in vastgoedfondsen. Ultimo 2023 zijn de resterende investeringsverplichtingen € 76,0 miljoen. 

DELA Groep is in 2023 met een tegenpartij overeengekomen om € 100 miljoen te investeren in land- en bosbouwfondsen. Ultimo 2023 zijn de resterende investeringsverplichtingen € 108,1 miljoen en $ 57,7 miljoen (per balansdatum omgerekend € 52,3 miljoen).

DELA Groep is in 2023 met een tegenpartij overeengekomen om € 200 miljoen te investeren in een leningenfonds. Ultimo 2023 is de resterende investeringsverplichting € 186,6 miljoen.

Ultimo 2023 is er geen resterende investeringsverplichting in ASR Hypotheekfonds.

4.13.5 Fiscale eenheid

DELA Natura maakt deel uit van een Nederlandse fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting (VPB) en voor de omzetbelasting (OB). Iedere vennootschap binnen de fiscale eenheid is hoofdelijk aansprakelijk voor de verschuldigde belastingen.

4.14 Gebeurtenissen na balansdatum

Na balansdatum hebben zich geen gebeurtenissen voorgedaan die vermeld dienen te worden die onontbeerlijk zijn voor het inzicht van de jaarrekening respectievelijk belangrijke financiële gevolgen hebben.

5. Toelichting op de resultatenrekening

5.1 Verdiende premies

 Van de totale brutopremies in 2023 bestaat € 7,5 miljoen uit koopsommen (2022: € 11,6 miljoen).

5.2 Beleggingsresultaten

De netto beleggingsresultaten bestaan uit de volgende items van de resultatenrekening:

Specificatie netto beleggingsresultaten
Bedragen x € 1.000   2023  2022     
           
Beleggingsopbrengsten   496.002  940.797     
Ongerealiseerde winst op beleggingen   292.566     
Gerealiseerd verlies op beleggingen   -394.211  -775.478     
Ongerealiseerd verlies op beleggingen   -919.516     
Beheerskosten en rentelasten   -29.253  -24.831     
           
Totaal   365.104  -779.028     
Gerealiseerde en ongerealiseerde netto beleggingsresultaten, specificatie 2023
Bedragen x € 1.000 Gerealiseerde winst Gerealiseerd verlies Ongerealiseerd resultaat Beheerskosten en rentelasten Totaal
           
Deelnemingen (a) -49.814  -49.814 
           
Terreinen en gebouwen (b) 854  571  283 
           
Overige financiële beleggingen (c):          
- Aandelen en andere niet-vastrentende waardepapieren 195.047  158.794  208.265  7.949  236.569 
- Obligaties en andere vastrentende waardepapieren 107.080  170.434  228.784  4.565  160.865 
- Derivaten 130.922  56.554  -48.920  428  25.020 
- Vorderingen uit hypothecaire leningen 38  38 
- Vorderingen uit andere leningen 21.483  8.142  12.223  1.204  24.360 
- Vastgoedfondsen 36.390  259  -134.723  38  -98.630 
- Infrastructuurfondsen 32.942  15.733  48.675 
- Land- en bosbouwfondsen 3.196  3.196 
- Hypotheekfondsen 8.067  28  7.473  15.512 
- Andere financiële beleggingen 12.993  535  14.498  -970 
  544.962  394.211  292.566  28.682  414.635 
           
Netto beleggingsresultaat (a) + (b) + (c) 496.002  394.211  292.566  29.253  365.104 
Gerealiseerde en ongerealiseerde netto beleggingsresultaten, specificatie 2022
Bedragen x € 1.000 Gerealiseerde winst Gerealiseerd verlies Ongerealiseerd resultaat Beheerskosten en rentelasten Totaal
           
Deelnemingen (a) 137.066  137.066 
           
Terreinen en gebouwen (b) 1.640  238  1.402 
           
Overige financiële beleggingen (c):          
- Aandelen en andere niet-vastrentende waardepapieren 470.906  221.730  -614.340  7.105  -372.269 
- Obligaties en andere vastrentende waardepapieren 173.381  248.196  -334.463  5.715  -414.993 
- Derivaten 72.671  297.113  102.778  411  -122.075 
- Vorderingen uit hypothecaire leningen 34  34 
- Vorderingen uit andere leningen 14.840  8.421  -22.074  1.046  -16.701 
- Vastgoedfondsen 26.261  18  -28.449  337  -2.543 
- Infrastructuurfondsen 28.528  36.693  396  64.825 
- Land- en bosbouwfondsen -660  -660 
- Hypotheekfondsen 4.093  -308  -58.310  -53.909 
- Andere financiële beleggingen 11.377  308  -691  9.583  795 
  802.091  775.478  -919.516  24.593  -917.496 
           
Netto beleggingsresultaat (a) + (b) + (c) 940.797  775.478  -919.516  24.831  -779.028 

Ongerealiseerde resultaten geven de wijzigingen van de marktwaarde in het boekjaar weer van de beleggingen (inclusief valuta-effecten) die op balansdatum in bezit zijn. Alle overige beleggingsopbrengsten worden toegerekend aan de gerealiseerde beleggingsopbrengsten.

Directe en indirecte netto beleggingsresultaten, specificatie 2023
Bedragen x € 1.000     Direct Indirect Totaal
           
Deelnemingen (a)     -49.814  -49.814 
           
Terreinen en gebouwen (b)     283  283 
           
Overige financiële beleggingen (c):          
- Aandelen en andere niet-vastrentende waardepapieren     40.191  196.378  236.569 
- Obligaties en andere vastrentende waardepapieren     65.999  94.866  160.865 
- Derivaten     -428  25.448  25.020 
- Vorderingen uit hypothecaire leningen     38  38 
- Vorderingen uit andere leningen     15.159  9.201  24.360 
- Vastgoedfondsen     36.280  -134.910  -98.630 
- Infrastructuurfondsen     31.382  17.293  48.675 
- Land- en bosbouwfondsen     3.196  3.196 
- Hypotheekfondsen     8.067  7.445  15.512 
- Andere financiële beleggingen     -1.333  363  -970 
      195.355  219.280  414.635 
           
Netto beleggingsresultaat (a) + (b) + (c)     145.824  219.280  365.104 
Directe en indirecte netto beleggingsresultaten, specificatie 2022
Bedragen x € 1.000     Direct Indirect Totaal
           
Deelnemingen (a)     137.066  137.066 
           
Terreinen en gebouwen (b)     1.402  1.402 
           
Overige financiële beleggingen (c):          
- Aandelen en andere niet-vastrentende waardepapieren     59.097  -431.366  -372.269 
- Obligaties en andere vastrentende waardepapieren     76.801  -491.794  -414.993 
- Derivaten     -411  -121.664  -122.075 
- Vorderingen uit hypothecaire leningen     34  34 
- Vorderingen uit andere leningen     12.123  -28.824  -16.701 
- Vastgoedfondsen     25.869  -28.412  -2.543 
- Infrastructuurfondsen     28.132  36.693  64.825 
- Land- en bosbouwfondsen     -660  -660 
- Hypotheekfondsen     4.401  -58.310  -53.909 
- Andere financiële beleggingen     1.171  -376  795 
      207.217  -1.124.713  -917.496 
           
Netto beleggingsresultaat (a) + (b) + (c)     345.685  -1.124.713  -779.028 

Onder directe beleggingsresultaten worden alle ontvangen rente, huur- en dividendopbrengsten verstaan minus alle beleggingskosten. Alle resultaten, zowel gerealiseerd als niet-gerealiseerd, die ontstaan als gevolg van marktwaardemutaties worden toegerekend aan de indirecte beleggingsopbrengsten.

5.3 Uitkeringen eigen rekening

Specificatie
Bedragen x € 1.000   2023  2022     
           
Uitkering bij overlijden   64.480  70.032     
Uitvaartkosten   154.402  133.807     
Expiratie   30.507  4.027     
Uitkering pensioenverzekeringen   11  11     
Kapitaaluitkeringen   77.743  70.877     
Uitkeringen royementen   433  312     
Afkopen   96.057  36.081     
Bruto uitkeringen   423.633  315.147     
           
Herverzekerde uitkering bij overlijden   -3.428  -5.219     
Herverzekerde expiratie      
Herverzekerde afkopen   -12.696  -69     
Herverzekerde uitkeringen   -16.123  -5.287     
           
Uitkeringen eigen rekening   407.510  309.860     

De hogere uitkeringen eigen rekening ten opzichte van 2022 zijn voornamelijk veroorzaakt door hogere expiraties en afkopen van polissen van het DELA CoöperatiespaarPlan.

5.4 Acquisitiekosten

Specifatie
Bedragen x € 1.000   2023  2022     
           
Toegerekende acquisitiekosten personeel   24.393  22.660     
Toegerekende acquisitiekosten overig   32.180  29.176     
Directe acquisitiekosten   31.043  29.193     
Geactiveerde acquisitiekosten   -27.265  -26.126     
Afschrijving acquisitiekosten   17.933  15.771     
           
Totaal   78.284  70.674     

De toegerekende acquisitiekosten personeel en overig betreft indirecte acquisitiekosten die worden bepaald op basis van interne kostenmodellen. Deze toegerekende acquisitiekosten zijn gestegen voornamelijk door inflatie. De stijging van de directie acquisitiekosten komt door de nog altijd groeiende Duitse verzekeringsportefeuille. Als gevolg hiervan is ook de jaarlijkse afschrijving gegroeid.

5.5 Beheers-, personeelskosten en afschrijvingen

Specificatie
Bedragen x € 1.000   2023  2022     
           
Gebouw- en inventariskosten   884  656     
Autokosten   808  727     
IT-kosten   -5.705  -3.080     
Advieskosten   11.444  10.782     
Kantoorkosten   6.858  6.000     
Doorbelastingen   74.056  64.456     
Salariskosten   24.827  22.121     
Sociale lasten   3.806  3.692     
Pensioenlasten   2.782  2.726     
Kosten uitbesteed werk   6.937  7.436     
Overige personeelskosten   1.454  1.497     
Reclamekosten   20.493  21.491     
Personeelskosten gereclassificeerd naar aquisitiekosten   -24.393  -22.660     
Overige kosten gereclassificeerd naar acquisitiekosten   -32.180  -29.176     
Overige kosten   -3.254  276     
           
Totaal   88.817  86.944     

De IT-kosten zijn negatief aangezien de activering van softwareontwikkelingskosten (€ 14,3 miljoen) in mindering zijn gebracht. De gemaakte kosten zitten in de doorbelastingen aangezien deze kosten in DELA Holding N.V. gemaakt worden.

5.6 Andere baten en lasten

De andere baten in 2022 betreft voornamelijk de vrijval van negatieve goodwill ten aanzien van de overname van de Monuta-portefeuille in Duitsland.

Andere lasten, specificatie
Bedragen x € 1.000   2023  2022     
           
Afschrijving immateriële vaste activa   2.616  2.386     
Pensioenlasten inactieven   32  -157     
Overige lasten   -1.269  879     
           
Totaal   1.379  3.108     

5.7 Belastingen resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening

Vennootschapsbelasting, specificatie
Bedragen x € 1.000   2023  2022     
           
Verschuldigde vennootschapsbelasting verslagjaar   -3.582  5.619     
Voorgaande jaren   -4.011  -1.756     
Acute vennootschapsbelasting   -7.593  3.863     
           
Latente vennootschapbelasting   21.808  -247.063     
           
Totaal   14.215  -243.200     

Het nominale belastingtarief in 2023 bedraagt in Nederland 25,8 procent (2022: 25,8 procent), in België 25 procent (2022: 25 procent) en voor Duitsland wordt rekening gehouden met het geldende nominale tarief van 30 procent (2022: 30 procent). Aangezien in Duitsland slechts beperkt belastbaar resultaat wordt bepaald, zorgt dit voor slechts een geringe afwijking tussen het toepasselijke tarief en de effectieve belastingdruk.

Vennootschapsbelasting, toelichting
Bedragen x € 1.000   2023  2022     
           
Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening voor belastingen   2.816  -915.219     
Nominaal belastingpercentage   25,8% 25,8%    
           
Nominaal belastingbedrag   727  -236.127     
Vennootschapsbelasting voorgaande jaren   -4.011  -1.756     
Effect deelnemingsvrijstelling   27.732  -41.342     
Fiscale verschillen   -10.233  36.025     
           
Totaal   14.215  -243.200     

De effectieve belastingdruk wijkt af van het nominale tarief. Op resultaten van deelnemingen en belangen van meer dan 5 procent in beleggingsfondsen ontstaan deelnemingsvrijstellingen. Belastingen voorgaande jaren betreft hoofdzakelijk een aanpassing op het toepassen van de deelnemingsvrijstelling op een beleggingsfonds. De overige fiscale verschillen zijn vooral veroorzaakt doordat in België gerealiseerde en ongerealiseerde verliezen op aandelen niet fiscaal aftrekbaar zijn. Het effectieve belastingtarief over 2023 bedraagt 504,8 procent (2022: 26,6 procent).

Het wetsvoorstel ‘Wet minimumbelasting 2024’ (Pijler-2 wetgeving) is eind 2023 in Nederland aangenomen. Deze wet voorziet in een winstbelastingstelsel voor grote ondernemingen met een minimum effectief belastingtarief van 15 procent per jurisdictie. De wet treedt in werking met ingang van 31 december 2023 en vindt voor het eerst toepassing met betrekking tot het verslagjaar 2024 van DELA Natura. Voor verslagjaar 2023 geldt dat gebruik is gemaakt van de verplichte uitzondering inzake de verwerking van latente belastingvorderingen en -verplichtingen die verband houden met Pijler 2-winstbelastingen. Daarnaast zijn op basis van toekomstprojecties van de resultaten voor de komende jaren van DELA Natura de verwachte effecten bepaald van Pijler-2 wetgeving. Op basis van deze projecties is de verwachting dat DELA Natura geen extra winstbelasting dient af te dragen omdat in elke jurisdictie voldaan wordt aan het minimumtarief van Pijler-2 wetgeving.

5.8 Organische analyse

In de organische analyse wordt het resultaat van de technische rekening en het resultaat voor belasting uitgesplitst naar winstbronnen.

Organische analyse
Bedragen x € 1.000.000   2023  2022     
           
Resultaat op sterfte en invaliditeit   57,1 51.3    
Resultaat op afkoop en mutaties   20,5 15.2    
Resultaat op kosten   7,7 10.5    
Resultaat op interest   140,7 -854.9    
Overig technisch resultaat   -7,1 -2.8    
Resultatendeling   -249,2 -43.7    
Resultaat technische rekening   -30,3 -824.3    
           
Beleggingsresultaat eigen vermogen   34,5 -103.0    
Overig resultaat   -1,4 12.1    
           
Resultaat voor belasting   2,8  -915.2    

De bepaling van de opbrengsten uit beleggingen voor technische of niet-technische rekening vindt plaats aan de hand van de ratio eigen vermogen/vreemd vermogen.

5.9 Beloning directie en commissarissen

De bezoldiging van de directieleden kent een vaste en een variabele component. De directieleden ontvangen geen representatievergoeding noch aandelen of opties, echter de variabele beloning wordt voor 60 procent onvoorwaardelijk uitgekeerd en voor 40 procent voorwaardelijk. Beide delen worden volledig in geld uitgekeerd. De retentieperiode voor het voorwaardelijke deel bedraagt drie jaar. De bezoldiging van directieleden in het boekjaar bedroeg aan vaste beloning € 743 duizend (2022: € 686 duizend), aan uitgekeerde variabele beloning € 83 duizend (2022: € 110 duizend) en aan bijdrage pensioenen € 156 duizend (2022: € 142 duizend).

De bezoldiging van de commissarissen (van DELA Coöperatie U.A., DELA Holding N.V. en DELA Natura- en levensverzekeringen N.V. gezamenlijk) in het boekjaar bedroeg € 229 duizend (2022: € 268 duizend).

5.10 Accountantshonoraria

DELA Natura maakt gebruik van de vrijstelling op grond van artikel 2:382a lid 3 BW waardoor zij de honoraria niet hoeft op te geven.

5.11. Gemiddeld aantal werknemers

Gedurende 2023 had DELA Natura gemiddeld 712 (2022: 653) werknemers in dienst, waarvan 570 in Nederland (2022: 519), 96 in België (2022: 99) en 46 in Duitsland (2022: 36).

Eindhoven, 26 april 2024

DELA Natura- en levensverzekeringen N.V.

De directie
drs. S. (Sandra) Schellekens - Lyppens
Ir. J.A.M. (Jack) van der Putten
J.L.R. (Jon) van Dijk RA

De raad van commissarissen
J.W.T. (John) van der Steen, voorzitter
prof. dr. J.J.A. (Hans) Leenaars RA, vicevoorzitter
G.C.A.M. (Frits) van Bree RA, secretaris
drs. W.A.P.J. (Willemien) Caderius van Veen RA
drs. G.M. (Georgette) Fijneman
mr. drs. G.H.C. (Georges) de Méris FCA

Versie:
v6.2.34

Met iWink Report maak je professionele online publicaties. Publicaties die je online, in print en als PDF-download kunt aanbieden.

En daarmee voldoe je direct aan de WCAG-wetgeving rond digitale toegankelijkheid.

Eenvoudig, veilig en efficiënt.

Meer over iWink Report